Linda Jansma houdt haar lezers graag via Facebook op de hoogte van de vorderingen in het schrijfproces. Tijdens het schrijven van haar nieuwste thriller, Vrij spel, postte ze regelmatig foto´s van en berichten uit Utrecht-Overvecht. Voor haar Facebook-vrienden zal het daarom geen verrassing zijn geweest dat deze Utrechtse wijk de setting vormt van Vrij spel.
Het leven van een lid van de Utrechtse straatbende Saints blijkt net zo kort te zijn als zijn naam doet vermoeden, Short-AS.
Posts tonen met het label Crimezone. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Crimezone. Alle posts tonen
maandag 5 januari 2015
De erecode van de Samoerai van David Kirk: Prachtig verhaal over samoerai
De jonge, Engelse auteur David Kirk woont in Japan, alwaar hij Engelse les geeft aan schoolkinderen. Daarnaast doet hij onderzoek naar de samoerai Musashi Miyamoto en schrijft hij boeken over deze legendarische samoerai. Bij uitgeverij Karakter verscheen De erecode van de samoerai, het eerste deel uit de serie over Musashi Miyamoto.
Acht jaar geleden vertrok samoerai Munisai Shinmen plotseling, na de dood van zijn vrouw. Zijn toen 5-jarige zoontje Bennosuke bleef achter bij zijn broer, de monnik Dorinbo, die zich over de jongen ontfermde.
Acht jaar geleden vertrok samoerai Munisai Shinmen plotseling, na de dood van zijn vrouw. Zijn toen 5-jarige zoontje Bennosuke bleef achter bij zijn broer, de monnik Dorinbo, die zich over de jongen ontfermde.
Verrassende wendingen in Dode mannen moorden niet van Roos Boum
Roos Boum heeft een omvangrijk oeuvre op haar naam staan, bestaande uit een autobiografie, romans en kinderboeken. Haar werk verschijnt bij zowel reguliere als self-publishing uitgeverijen. Ze is bij het publiek voornamelijk bekend door haar autobiografie Valse salie, waarin ze een tragische jeugd beschrijft. Onlangs verscheen bij Free Musketiers haar eerste thriller, Dode mannen moorden niet. Een intrigerende titel die nieuwsgierig maakt naar het verhaal.
Een jaar of vijf geleden verdween Margo, het toen negenjarige zusje van Rico. Na een maand werd haar gruwelijk verminkte lichaam gevonden.
Een jaar of vijf geleden verdween Margo, het toen negenjarige zusje van Rico. Na een maand werd haar gruwelijk verminkte lichaam gevonden.
Wat is werkelijkheid en wat niet? in De passagier van Grangé
De Franse thrillerschrijver Jean-Christophe Grangé is zowel bij pers als publiek een geliefde auteur. Zijn thrillers zijn in meer dan twintig talen vertaald en er werden meer dan acht miljoen exemplaren van verkocht. Daarnaast kreeg hij vele internationale prijzen voor zijn werk. De passagier is het negende boek van hem dat verscheen in Nederland. Eerdere thrillers die van hem in Nederland uitkwamen zijn onder meer Het wolvenrijk, Godenstemmen en Bloeddorstige driften.
Psychiater Mathias Freire is onlangs verhuisd van Parijs naar Bordeaux, nadat een patiënte, met wie hij een relatie had, zich had verhangen. Het is een van de weinige herinneringen die hij heeft. Hij weet niets meer over zijn verleden of wie hij werkelijk is.
Psychiater Mathias Freire is onlangs verhuisd van Parijs naar Bordeaux, nadat een patiënte, met wie hij een relatie had, zich had verhangen. Het is een van de weinige herinneringen die hij heeft. Hij weet niets meer over zijn verleden of wie hij werkelijk is.
zondag 10 augustus 2014
De donkere dag van Yrsa Sigurdardottir: Beklemmende sfeer in ijskoude thriller
De donkere dag van de IJslandse thrillerschrijfster Yrsa Sigurdardóttir is het vierde deel in de serie rond advocate Thóra Gudmundsdóttir. In een interview met Crimezone in 2012 vertelde Yrsa Sigurdardóttir dat het oorspronkelijk haar bedoeling was dat Mathias, de Duitse vriend van Thóra, enkel in het eerste deel een rol zou hebben. Tot het boek ook goed verkocht in het buitenland en Matthias heel geschikt bleek om typisch IJslandse dingen te verklaren aan buitenlandse lezers, zonder hierbij haar IJslandse fans voor het hoofd te stoten. Na Neem mijn ziel (deel 2) had ze echter genoeg van Mathias en besloot hem in Smeulend vuur (deel 3) niet te laten terugkomen.
Voordat ze begon met het schrijven van De donkere dag heeft ze haar lezers gevraagd of ze Mathias terug wilden.
Voordat ze begon met het schrijven van De donkere dag heeft ze haar lezers gevraagd of ze Mathias terug wilden.
Schaduwvriendin van Christine Drews: Een realistische setting en dito personages
De Duitse schrijfster Christine Drews werd voor haar thrillerdebuut Schaduwvriendin geïnspireerd door een klein voorval dat grote gevolgen had kunnen hebben. Bij de crèche van haar zoontje ontmoette zij een andere moeder, die zich al snel aan haar vastklampte en haar dagelijks overspoelde met sms’jes. Op een dag was ze haar zoontje uit het oog verloren in de speeltuin. Daarna zag ze de auto van die moeder voorbijrijden. Christine Drews dacht heel even dat ze haar zoontje kwijt was, tot ze hem weer zag.
maandag 19 mei 2014
De moord op mijn vader van Carina Bergfeldt is geniaal geconstrueerd
De moord op mijn vader is het thrillerdebuut van de Zweedse journaliste Carin Bergfeldt. Ze schreef voor Aftonbladet, de grootste Zweedse krant, een prijswinnende reportage over het bloedbad op het Noord eiland Utoya.De thriller begint met de dag des oordeels. Een naamloze ik staat bij het nog levende lichaam van een man, die is ingepakt met plastic folie. Ze kijkt er naar en bedenkt hoe ze hem zal vermoorden. Met deze openingszet trekt Carina Bergfeldt je onmiddellijk in het verhaal.
dinsdag 8 april 2014
Moeder, moeder van Koren Zailckas: beklemmend en bloedstollend
Het lijkt alsof er een nieuwe trend zichtbaar is in thrillerland. Er verschijnen steeds meer boeken die voorheen als roman werden gecategoriseerd en nu het label thriller krijgen, ondanks dat het verhaal niet voldoet aan kenmerken van het genre. De verhalen zijn vooral spannend te noemen.
Onlangs verscheen in dit genre Moeder, moeder van Koren Zailckas.
In Moeder, moeder vertellen de twaalfjarige Will en zijn zestienjarige zus Violet beurtelings over het leven met hun, voor de buitenwereld normale, moeder Josephine. Will is het oogappeltje van Josephine. Toen hij werd gepest op school, zegde ze haar baan op bij de universiteit om hem thuisonderwijs te geven. Volgens Josephine was het thuis ook veiliger voor hem, gezien zijn autisme en epilepsie. Het valt de lezer al snel op dat Josephine Will klein houdt. Ze kiest kinderachtige kleren voor hem uit en neemt hem mee naar een speelgroep voor (jongere) kinderen die thuis les krijgen.
Sinds Rose, hun vier jaar oudere zus, is weggelopen, lijkt het alsof Josephine het vooral op Violet heeft gemunt. Ze kan niet meer goed doen in de ogen van haar moeder. Violet krijgt dagelijks verwijten, scheldpartijen en andere narigheid over zich heen. Als reactie hierop zit Violet zo veel mogelijk bij haar vrienden, experimenteert ze met drugs en vast ze tot de kleren bijna letterlijk van haar lijf vallen.
Het verhaal begint op een nieuw dieptepunt voor Violet. Haar vader brengt haar naar een psychiatrische kliniek omdat ze in een door drugs veroorzaakte woedeaanval Will heeft gestoken met een mes. Violet heeft geen keuze dan zich gedwongen te laten opnemen. Na de ontnuchtering zet ze alles op alles om zichzelf te bevrijden uit de inrichting. Het is nog maar de vraag of dit haar gaat lukken, want haar moeder heeft alles perfect geregeld.
Moeder, moeder is een bizar verhaal. Het is geen traditionele thriller, want er wordt geen moord gepleegd, er wordt geen dader opgespoord na gedegen politieonderzoek door een rechercheur. Er is wel een moeder wier gedrag onvoorspelbaar en onvoorstelbaar is. En er wordt halfslachtig onderzoek gedaan naar de zus die vermist dan wel weggelopen is.
Het label spannende psychologische roman zou wellicht beter passen, gezien het niet normaal functionerende gezin met de gestoorde moeder en de dochter die het allemaal moet doormaken, verwerken en een plek geven in haar leven.
Doorslaggevende reden om Moeder, moeder geen thriller te willen noemen is het einde. Na de ontknoping kabbelt het verhaal nog bladzijdenlang door. Voor een roman zijn die bladzijden cruciaal, ze geven dieper, psychologisch inzicht in een van de personages. In een thriller is dit die overbodige epiloog die niets meer toevoegt aan de plot.
Het is geweldig zoals Koren Zailckas het verhaal vertelt vanuit het perspectief van een 12-jarige jongen en een 16-jarig meisje in hun eigen woorden en taal. Nergens komt de moeder zelf aan het woord. Je krijgt haar enkel te zien door de ogen van haar kinderen. De zoon blijft tegen zijn moeder opkijken, wat ze ook doet. De dochter doorziet haar moeder en gaat de strijd aan.
Hoe verknipt Josephine is, blijkt uit de verhalen van Will en Violet over de zwangerschap van Rose. Josephine dwong haar een abortus te ondergaan, vanwege de schande voor de familie en omdat Rose in haar ogen geen goede moeder zou zijn. Na de abortus beschuldigde Josephine Rose van moord en legde ze steeds foto’s van geaborteerde baby’s in haar kamer.
Dit alles levert een beklemmend, bloedstollend verhaal op, dat tot de ontknoping vele malen spannender is dan menige traditionele thriller. Het gaat zelfs een stukje richting horror, omdat Josephine steeds enger en gekker wordt, naarmate het verhaal vordert.
Tot slot een klein gruwelijk feit, dat na lezing kippenvel geeft: op de achterkant staat vermeld dat de auteur eerder een veelbesproken autobiografische roman schreef over haar disfunctionele jeugd.
Deze recensie is ook te lezen op Crimezone.
Onlangs verscheen in dit genre Moeder, moeder van Koren Zailckas.
In Moeder, moeder vertellen de twaalfjarige Will en zijn zestienjarige zus Violet beurtelings over het leven met hun, voor de buitenwereld normale, moeder Josephine. Will is het oogappeltje van Josephine. Toen hij werd gepest op school, zegde ze haar baan op bij de universiteit om hem thuisonderwijs te geven. Volgens Josephine was het thuis ook veiliger voor hem, gezien zijn autisme en epilepsie. Het valt de lezer al snel op dat Josephine Will klein houdt. Ze kiest kinderachtige kleren voor hem uit en neemt hem mee naar een speelgroep voor (jongere) kinderen die thuis les krijgen.
Sinds Rose, hun vier jaar oudere zus, is weggelopen, lijkt het alsof Josephine het vooral op Violet heeft gemunt. Ze kan niet meer goed doen in de ogen van haar moeder. Violet krijgt dagelijks verwijten, scheldpartijen en andere narigheid over zich heen. Als reactie hierop zit Violet zo veel mogelijk bij haar vrienden, experimenteert ze met drugs en vast ze tot de kleren bijna letterlijk van haar lijf vallen.
Het verhaal begint op een nieuw dieptepunt voor Violet. Haar vader brengt haar naar een psychiatrische kliniek omdat ze in een door drugs veroorzaakte woedeaanval Will heeft gestoken met een mes. Violet heeft geen keuze dan zich gedwongen te laten opnemen. Na de ontnuchtering zet ze alles op alles om zichzelf te bevrijden uit de inrichting. Het is nog maar de vraag of dit haar gaat lukken, want haar moeder heeft alles perfect geregeld.
Moeder, moeder is een bizar verhaal. Het is geen traditionele thriller, want er wordt geen moord gepleegd, er wordt geen dader opgespoord na gedegen politieonderzoek door een rechercheur. Er is wel een moeder wier gedrag onvoorspelbaar en onvoorstelbaar is. En er wordt halfslachtig onderzoek gedaan naar de zus die vermist dan wel weggelopen is.
Het label spannende psychologische roman zou wellicht beter passen, gezien het niet normaal functionerende gezin met de gestoorde moeder en de dochter die het allemaal moet doormaken, verwerken en een plek geven in haar leven.
Doorslaggevende reden om Moeder, moeder geen thriller te willen noemen is het einde. Na de ontknoping kabbelt het verhaal nog bladzijdenlang door. Voor een roman zijn die bladzijden cruciaal, ze geven dieper, psychologisch inzicht in een van de personages. In een thriller is dit die overbodige epiloog die niets meer toevoegt aan de plot.
Het is geweldig zoals Koren Zailckas het verhaal vertelt vanuit het perspectief van een 12-jarige jongen en een 16-jarig meisje in hun eigen woorden en taal. Nergens komt de moeder zelf aan het woord. Je krijgt haar enkel te zien door de ogen van haar kinderen. De zoon blijft tegen zijn moeder opkijken, wat ze ook doet. De dochter doorziet haar moeder en gaat de strijd aan.
Hoe verknipt Josephine is, blijkt uit de verhalen van Will en Violet over de zwangerschap van Rose. Josephine dwong haar een abortus te ondergaan, vanwege de schande voor de familie en omdat Rose in haar ogen geen goede moeder zou zijn. Na de abortus beschuldigde Josephine Rose van moord en legde ze steeds foto’s van geaborteerde baby’s in haar kamer.
Dit alles levert een beklemmend, bloedstollend verhaal op, dat tot de ontknoping vele malen spannender is dan menige traditionele thriller. Het gaat zelfs een stukje richting horror, omdat Josephine steeds enger en gekker wordt, naarmate het verhaal vordert.
Tot slot een klein gruwelijk feit, dat na lezing kippenvel geeft: op de achterkant staat vermeld dat de auteur eerder een veelbesproken autobiografische roman schreef over haar disfunctionele jeugd.
Deze recensie is ook te lezen op Crimezone.
Harry Bingham speelt in Fiona met spanning, humor en clichés
Voordat Harry Bingham begon aan zijn verrassende thriller Fiona had hij al een stuk of wat romans en non-fictieboeken op zijn naam staan. Naast het schrijven, houdt hij zich bezig met zijn ‘Writer’s workshop’ waar aankomende schrijvers worden begeleid bij het schrijfproces.
Fiona is een bijzondere vrouw met de nodige geheimen, om het subtiel uit te drukken. Als tiener was ze dood en opgenomen in een psychiatrische inrichting — dit lijkt onlogisch en tegenstrijdig, maar Bingham houdt de lezer hierover in spanning tot het laatst. Na het ontslag uit de inrichting, studeerde ze succesvol filosofie aan de universiteit. Tot haar grote verbazing wordt ze, amper vijf jaar na haar opname, aangenomen bij de politie in Wales, ondanks haar psychiatrisch verleden en de dubieuze achtergrond van haar vader. De hoofdinspecteur heeft goede redenen om haar aan te nemen: ze is intelligent, kan goed nadenken en heeft geen strafblad. Dit alles kan haar in zijn ogen tot een goede politieagent maken. Vier jaar later is Fiona opgeklommen tot rechercheur en in die hoedanigheid druk met een tweetal zaken. De ene zaak, een ernstig geval van fraude waarbij een voormalig politieman vele duizenden ponden heeft verduisterd, verveelt haar omdat haar taak bestaat uit het natrekken van alle geldstromen. Goede reden om vol in de andere zaak te duiken. Een prostituee en haar dochtertje zijn op gruwelijke wijze vermoord in een smerig uitgewoond kraakpand. Fiona raakt geobsedeerd door de vrouw en haar dochter. Het gaat zelfs zo ver dat ze een nacht met ze doorbrengt in het mortuarium en met ze praat. (De Engelse titel is niet voor niets Talking to the Dead) De werkwijze van Fiona tijdens het onderzoek is op z’n zachtst gezegd onconventioneel. Ze krijgt de getuigen, veelal bange, wantrouwige Oost-Europese prostituees, op haar eigen manier aan het praten. Haar baas weet niet wat hij met haar aanmoet, want Fiona blijft, ondanks waarschuwingen, impulsief en op eigen houtje opereren. Desondanks boekt ze wel verbluffende resultaten. Fiona wil deze zaak koste wat het kost oplossen, en rust niet voordat het zover is, zelfs al brengt ze haar eigen leven in gevaar.
Harry Bingham is erin geslaagd om een conventionele politieroman met een onconventioneel hoofdpersoon te combineren tot een bijzondere, goede thriller. De bijbehorende clichés, onder andere in de verhaallijn, geeft hij op de juiste momenten een goede en verrassende twist. Ondanks dat Fiona een ‘gek mens’ is, weet ze de lezer toch voor zich in te nemen. Ze doet dit door haar ontwapenende eerlijkheid over haar gevoelens en haar aanpak. Ze durft er voor uit te komen dat sommige acties niet handig waren. Andere dingen houdt ze echter voor zichzelf en hier moet de lezer naar raden. Ze is een vreemde eend in de bijt, niet alleen bij de politie, en daar is Fiona zich maar al te goed van bewust. Haar diepste wens is om een bewoner van de planeet Normaal te worden, zoals ze dat zelf noemt. Ze ‘spoort’ niet, vreemd genoeg maakt dit van haar juist een overtuigende, echte persoon. Goed gezien van de Nederlandse uitgeverij om van Fiona een virtueel persoon te maken, compleet met eigen twitteraccount en facebookpagina.
Naast het spannende verhaal geeft Harry Bingham ook een grimmig, rauw beeld van de prostitutie en de bijbehorende vrouwenhandel in Groot-Brittannië. Vrouwen, veelal van Oost-Europese afkomst, worden onder valse voorwendselen naar Groot-Brittannië gebracht en aldaar verkocht en misbruikt alsof ze dingen zijn in plaats van mensen. En als ze niet meer functioneren omdat ze gewond, ziek of gewoon op zijn, worden ze, althans in dit verhaal, afgedankt en in koelen bloede vermoord. De lezer kan alleen maar huiveren en hopen dat het fictie is. Het is geen vrolijk verhaal dat Harry Bingham de lezer vertelt.
Het boek is ondanks dat, en ondanks de gekte van Fiona, geen zwaar op de maag liggende thriller geworden. Harry Bingham zorgde voor genoeg grappig bedoelde scènes, die bij de lezer minimaal een glimlach op het gezicht toveren. Vooral de scènes waarin Fiona haar aarzelende stappen op het liefdespad zet, zijn ronduit grappig.
Alles beschouwd is Fiona een gedegen goede thriller waarin Bingham afwisselend speelt met clichés, spanning en humor, en waarin de spanningsboog goed in elkaar zit. Daarnaast is het boek goed geschreven en heeft het een bijzondere hoofdpersoon die zeer realistisch overkomt. Fiona zou zo het begin kunnen zijn van een succesvolle serie! Deze lezer kijkt al uit naar deel twee.
****
Deze recensie staat ook op Crimezone.
Fiona is een bijzondere vrouw met de nodige geheimen, om het subtiel uit te drukken. Als tiener was ze dood en opgenomen in een psychiatrische inrichting — dit lijkt onlogisch en tegenstrijdig, maar Bingham houdt de lezer hierover in spanning tot het laatst. Na het ontslag uit de inrichting, studeerde ze succesvol filosofie aan de universiteit. Tot haar grote verbazing wordt ze, amper vijf jaar na haar opname, aangenomen bij de politie in Wales, ondanks haar psychiatrisch verleden en de dubieuze achtergrond van haar vader. De hoofdinspecteur heeft goede redenen om haar aan te nemen: ze is intelligent, kan goed nadenken en heeft geen strafblad. Dit alles kan haar in zijn ogen tot een goede politieagent maken. Vier jaar later is Fiona opgeklommen tot rechercheur en in die hoedanigheid druk met een tweetal zaken. De ene zaak, een ernstig geval van fraude waarbij een voormalig politieman vele duizenden ponden heeft verduisterd, verveelt haar omdat haar taak bestaat uit het natrekken van alle geldstromen. Goede reden om vol in de andere zaak te duiken. Een prostituee en haar dochtertje zijn op gruwelijke wijze vermoord in een smerig uitgewoond kraakpand. Fiona raakt geobsedeerd door de vrouw en haar dochter. Het gaat zelfs zo ver dat ze een nacht met ze doorbrengt in het mortuarium en met ze praat. (De Engelse titel is niet voor niets Talking to the Dead) De werkwijze van Fiona tijdens het onderzoek is op z’n zachtst gezegd onconventioneel. Ze krijgt de getuigen, veelal bange, wantrouwige Oost-Europese prostituees, op haar eigen manier aan het praten. Haar baas weet niet wat hij met haar aanmoet, want Fiona blijft, ondanks waarschuwingen, impulsief en op eigen houtje opereren. Desondanks boekt ze wel verbluffende resultaten. Fiona wil deze zaak koste wat het kost oplossen, en rust niet voordat het zover is, zelfs al brengt ze haar eigen leven in gevaar.
Harry Bingham is erin geslaagd om een conventionele politieroman met een onconventioneel hoofdpersoon te combineren tot een bijzondere, goede thriller. De bijbehorende clichés, onder andere in de verhaallijn, geeft hij op de juiste momenten een goede en verrassende twist. Ondanks dat Fiona een ‘gek mens’ is, weet ze de lezer toch voor zich in te nemen. Ze doet dit door haar ontwapenende eerlijkheid over haar gevoelens en haar aanpak. Ze durft er voor uit te komen dat sommige acties niet handig waren. Andere dingen houdt ze echter voor zichzelf en hier moet de lezer naar raden. Ze is een vreemde eend in de bijt, niet alleen bij de politie, en daar is Fiona zich maar al te goed van bewust. Haar diepste wens is om een bewoner van de planeet Normaal te worden, zoals ze dat zelf noemt. Ze ‘spoort’ niet, vreemd genoeg maakt dit van haar juist een overtuigende, echte persoon. Goed gezien van de Nederlandse uitgeverij om van Fiona een virtueel persoon te maken, compleet met eigen twitteraccount en facebookpagina.
Naast het spannende verhaal geeft Harry Bingham ook een grimmig, rauw beeld van de prostitutie en de bijbehorende vrouwenhandel in Groot-Brittannië. Vrouwen, veelal van Oost-Europese afkomst, worden onder valse voorwendselen naar Groot-Brittannië gebracht en aldaar verkocht en misbruikt alsof ze dingen zijn in plaats van mensen. En als ze niet meer functioneren omdat ze gewond, ziek of gewoon op zijn, worden ze, althans in dit verhaal, afgedankt en in koelen bloede vermoord. De lezer kan alleen maar huiveren en hopen dat het fictie is. Het is geen vrolijk verhaal dat Harry Bingham de lezer vertelt.
Het boek is ondanks dat, en ondanks de gekte van Fiona, geen zwaar op de maag liggende thriller geworden. Harry Bingham zorgde voor genoeg grappig bedoelde scènes, die bij de lezer minimaal een glimlach op het gezicht toveren. Vooral de scènes waarin Fiona haar aarzelende stappen op het liefdespad zet, zijn ronduit grappig.
Alles beschouwd is Fiona een gedegen goede thriller waarin Bingham afwisselend speelt met clichés, spanning en humor, en waarin de spanningsboog goed in elkaar zit. Daarnaast is het boek goed geschreven en heeft het een bijzondere hoofdpersoon die zeer realistisch overkomt. Fiona zou zo het begin kunnen zijn van een succesvolle serie! Deze lezer kijkt al uit naar deel twee.
****
Deze recensie staat ook op Crimezone.
zondag 22 december 2013
Wintergast van Jet van Vuuren: ijskoude thriller met als setting het Groningse platteland
Net als collega-schrijvers Suzanne Vermeer en Linda van Rijn gaat ook Jet van Vuuren met de seizoenen mee in haar thrillers. Haar vorige thriller, Zomerzin, speelde zich af tijdens een zomerse vakantie in het bos. Voor haar nieuwste thriller, Wintergast, heeft Jet van Vuuren het Groningse platteland tijdens een strenge winter als setting gekozen.Niet alleen buiten is het ijzig koud, ook binnen in de boerderij van Sicco Baak wil het niet warm worden. Hij heeft zijn aangetrouwde nicht Bea Versluis uitgenodigd om de kerstdagen op zijn boerderij door te brengen, samen met zijn vier vrouwelijke familieleden die op en rond de boerderij wonen. Dat was geen goed idee van Sicco, want zowel zijn moeder, zijn tante als zijn oma zijn bang dat Bea de goedbewaarde familiegeheimen zal ontdekken en de gruwelijke waarheid aan het licht zal komen. Ze doen er alles aan om dit te voorkomen. Denk hierbij aan een dode rat en een uiterst kille ontvangst.
Bea had gehoopt om voor een keer een gezellige kerst te hebben in familiekring en uit te kunnen rusten van haar werk en de zorg voor haar man Egge, een neef van Sicco. Egge heeft diabetes en wordt agressief als zijn bloedsuikerspiegel niet in orde is. Bea is voortdurend bezig hem te observeren en zijn buien in te schatten. Op sinterklaasavond liep het uit de hand en heeft Egge Bea aangevallen. Ze had zich kunnen opsluiten in de badkamer en heeft daarna de politie gebeld omdat ze bang was dat hij haar echt wat aan zou doen.
Alleen Roos, de dochter van Sicco, en Sicco geven haar het gevoel welkom te zijn, al hebben die ook hun problemen waardoor ze nauwelijks tijd voor haar hebben. Aan uitrusten komt Bea ook al niet toe, terwijl ze daar zo op gehoopt had. Voortdurend maken de drie andere vrouwen haar duidelijk dat ze een ongewenste gast is. Helaas kan Bea niet weg. Onderweg naar Groningen kreeg ze pech met de auto, en bovendien is de boerderij ingesneeuwd en onbereikbaar geworden. Er zit voor Bea niets anders op dan de kerstdagen uit te zitten, al is dat niet zonder gevaar.
In de retailmarketing is het belangrijk dat het thuis-, buiten- en binnenverhaal klopt. Dat wil zeggen dat de consument een bepaalde reclame-uiting zowel thuis (op tv, op een website, in een krant etc.) voorgeschoteld moet krijgen, als buiten in de etalage van de betreffende winkel en binnen in diezelfde winkel. Jet van Vuuren heeft dit principe in Wintergast goed uitgewerkt. Het omslag laat een vrouw in een winters landschap zien. Het verhaal speelt zich af in de donkere dagen rond kerst, in een winters Groningen, op een ingesneeuwde boerderij. De sfeer in het verhaal is eveneens kil en koud. Er is geen sprake van liefde of warmte tussen de personages, louter haat, verraad en afgunst. Er lijkt iets liefdevols op te bloeien, maar dat blijkt al snel lust te zijn, die niets met liefde te maken heeft.
De eerste hoofdstukken van Wintergast zijn goed opgebouwd en spannend. Helaas kan Jet van Vuuren dit niveau niet het hele boek volhouden. Het verhaal wordt steeds warriger, en dat is te wijten aan de gesprekken die in een andere lettertype worden weergegeven. De vele perspectiefwisselingen, vaak binnen een paragraaf of hoofdstuk, maken het er niet beter op. Het einde laat de lezer achter met een kater, omdat de handelingen van de personages in de laatste hoofdstukken vreemd en ongeloofwaardig zijn, gezien hun eerdere gedrag. Het gedrag van Bea is vreemd en onlogisch. Haar motieven worden niet overtuigend verklaard. Slaapgebrek is geen goede verklaring.
Wellicht had Van Vuuren haar verhaal beter in de eerste persoon geschreven, vanuit het standpunt van Bea. De dialogen in een ander lettertype hadden dan een duidelijkere functie gekregen. Nu was het beter en duidelijker geweest als de losse dialogen waren verwerkt in de tekst.
Het gedrag van de vrouwelijke familieleden van Sicco is zo vreemd, dat het ongeloofwaardig wordt. Het lijken eerder karikaturen of oude heksen dan echte vrouwen. Ze willen niet tot leven komen.
Klein, storend detail: er komt een polaroidfoto ter sprake die begin jaren vijftig gemaakt moet zijn op een Groningse boerderij. De afbeelding is, ondanks lichte vervaging, nog steeds te zien. Even googelen leert ons dat de eerste polaroidcamera’s vanaf 1963 op de markt waren en dat een polaroidfoto uit die beginjaren slechts 10 jaar houdbaar was.
Het begin van Wintergast was zo veelbelovend en spannend. Jammer dat Jet van Vuuren dat niveau niet het hele boek heeft weten te behouden, want dan was dit zeker een spannende, goede thriller geworden.
Deze recensie is gepubliceerd op Crimezone.
Zomerzin van Jet van Vuuren: voldoet aan de verwachtingen van de vakantielezer
Afgelopen jaren is in thrillerland een nieuw subgenre ontstaan: de vakantiethriller. Deze thrillers zijn gesitueerd op locaties waar de 'lezer-met-vakantie' zich op dat moment zelf ook vaak bevindt. In de zomer verschijnen thrillers die zich in zonnige oorden afspelen, terwijl de wintervarianten vaak over moorden op en rond skipistes gaan. Het zal geen verrassing zijn dat in Nederland de meeste vakantiethrillers op Schiphol gekocht worden. Bekende auteurs in het genre zijn Suzanne Vermeer en Linda van Rijn. Een andere auteur in het genre is Jet van Vuuren. Haar vakantiethrillers spelen zich voornamelijk in de zomer af.
In Zomerzin gaat Iris van Egmond voor het eerst in jaren er een weekje tussenuit. Op aanraden van vriendin José, die ondertussen twee weken op de boekhandel van Iris past, gaat Iris een spirituele bezinningsweek doen in het bos. Tot haar grote schrik ontdekt ze dat de organisatie van de week in handen is van Joke Stoep, een spook uit haar verleden. En net als ze van de schrik is bekomen, duikt het tweede spook uit haar verleden op, Peter Schaap. Iris heeft bijna dertig jaar eerder in haar studententijd een moeizame relatie met hem gehad. Peter wilde toen niet begrijpen dat Iris het uit wilde maken. Hij bleef haar lastigvallen tot Iris geen andere uitweg zag dan weg te vluchten uit de stad waar ze toen woonde en studeerde. Joke wilde niets liever dan een relatie met Peter en maakte Iris het leven om die reden zuur. Gelukkig komt Iris al op de eerste dag van de bezinningsweek Hans tegen, een leuke aantrekkelijke man, met wie Iris fijn kan praten en wandelen. Peter lijkt echter niet te begrijpen dat Iris hem nog niet heeft vergeven wat hij haar toen heeft aangedaan. En weer dringt hij zich op aan haar.
Zomerzin voldoet exact aan de verwachtingen van de vakantielezer. Het biedt een dag/avond luchtige afleiding en is daarmee uitermate geschikte vakantielectuur. Eenvoudig verhaal, ongecompliceerde plot, leest lekker weg en als bonus een aantal smeuïge seksscènes.
Voor de lezer die veel en vaak thrillers leest, kan Zomerzin daarentegen een teleurstelling zijn. De hoofdpersoon Iris zeurt zoveel over haar stalker Peter, haar 25 jaar eerder verloren geliefde en het ongeluk dat het gaat irriteren. Je vraagt je af wanneer ze iets nuttigs gaat doen met haar leven. De plot en de ontknoping zijn op het randje van geloofwaardigheid en helaas deels voorspelbaar.
Het verhaal bevat twee verhaallijnen waarvan de ene zich in het heden afspeelt en de andere begin jaren ’80. De verhaallijn uit het verleden wordt niet chronologisch verteld. Logisch, want hiermee creëerde Jet van Vuuren haar spanning. Af en toe krijgt de oplettende lezer echter het gevoel dat de continuïteit niet helemaal klopt wat betreft de jaren waarin de gebeurtenissen zich afspeelden.
Het taalgebruik is wat je kan verwachten: veel bijvoeglijk naamwoorden om een gevoel/emotie over te brengen en een bepaalde sfeer neer te zetten. Daarnaast wordt er veel uitgelegd en krijgt de lezer veel spreektaal voorgeschoteld. Voor sommige lezers betekent dit een verhoging van de herkenbaarheid en het leesgemak. Overbodig om te zeggen dat het daarnaast funest is voor de diepgang en helaas hier en daar ook voor de spanning. Hiertegenover kan worden gesteld dat, net zoals je boeken uit de bouquetreeks niet moet beoordelen met literaire maatstaven, je vakantiethrillers ook niet moet recenseren op Gouden Stropkwaliteit of mogelijke sterren in de VN Detective- & Thrillergids.
Zomerzin is bedoeld als vakantiethriller en in dat opzicht is het helemaal geslaagd. Het is vlot geschreven, waardoor het lekker weg hapt. Denk hierbij aan ijs, fruitsalade of zoutjes. Het hapt achter elkaar weg zonder dat het blijft hangen en biedt de lezer daarmee een spannende, luchtige versnapering op het strand of op een terras.
Deze recensie is gepubliceerd op Crimezone.
In Zomerzin gaat Iris van Egmond voor het eerst in jaren er een weekje tussenuit. Op aanraden van vriendin José, die ondertussen twee weken op de boekhandel van Iris past, gaat Iris een spirituele bezinningsweek doen in het bos. Tot haar grote schrik ontdekt ze dat de organisatie van de week in handen is van Joke Stoep, een spook uit haar verleden. En net als ze van de schrik is bekomen, duikt het tweede spook uit haar verleden op, Peter Schaap. Iris heeft bijna dertig jaar eerder in haar studententijd een moeizame relatie met hem gehad. Peter wilde toen niet begrijpen dat Iris het uit wilde maken. Hij bleef haar lastigvallen tot Iris geen andere uitweg zag dan weg te vluchten uit de stad waar ze toen woonde en studeerde. Joke wilde niets liever dan een relatie met Peter en maakte Iris het leven om die reden zuur. Gelukkig komt Iris al op de eerste dag van de bezinningsweek Hans tegen, een leuke aantrekkelijke man, met wie Iris fijn kan praten en wandelen. Peter lijkt echter niet te begrijpen dat Iris hem nog niet heeft vergeven wat hij haar toen heeft aangedaan. En weer dringt hij zich op aan haar.
Zomerzin voldoet exact aan de verwachtingen van de vakantielezer. Het biedt een dag/avond luchtige afleiding en is daarmee uitermate geschikte vakantielectuur. Eenvoudig verhaal, ongecompliceerde plot, leest lekker weg en als bonus een aantal smeuïge seksscènes.
Voor de lezer die veel en vaak thrillers leest, kan Zomerzin daarentegen een teleurstelling zijn. De hoofdpersoon Iris zeurt zoveel over haar stalker Peter, haar 25 jaar eerder verloren geliefde en het ongeluk dat het gaat irriteren. Je vraagt je af wanneer ze iets nuttigs gaat doen met haar leven. De plot en de ontknoping zijn op het randje van geloofwaardigheid en helaas deels voorspelbaar.
Het verhaal bevat twee verhaallijnen waarvan de ene zich in het heden afspeelt en de andere begin jaren ’80. De verhaallijn uit het verleden wordt niet chronologisch verteld. Logisch, want hiermee creëerde Jet van Vuuren haar spanning. Af en toe krijgt de oplettende lezer echter het gevoel dat de continuïteit niet helemaal klopt wat betreft de jaren waarin de gebeurtenissen zich afspeelden.
Het taalgebruik is wat je kan verwachten: veel bijvoeglijk naamwoorden om een gevoel/emotie over te brengen en een bepaalde sfeer neer te zetten. Daarnaast wordt er veel uitgelegd en krijgt de lezer veel spreektaal voorgeschoteld. Voor sommige lezers betekent dit een verhoging van de herkenbaarheid en het leesgemak. Overbodig om te zeggen dat het daarnaast funest is voor de diepgang en helaas hier en daar ook voor de spanning. Hiertegenover kan worden gesteld dat, net zoals je boeken uit de bouquetreeks niet moet beoordelen met literaire maatstaven, je vakantiethrillers ook niet moet recenseren op Gouden Stropkwaliteit of mogelijke sterren in de VN Detective- & Thrillergids.
Zomerzin is bedoeld als vakantiethriller en in dat opzicht is het helemaal geslaagd. Het is vlot geschreven, waardoor het lekker weg hapt. Denk hierbij aan ijs, fruitsalade of zoutjes. Het hapt achter elkaar weg zonder dat het blijft hangen en biedt de lezer daarmee een spannende, luchtige versnapering op het strand of op een terras.
Deze recensie is gepubliceerd op Crimezone.
woensdag 4 december 2013
De verdwenen zoon van Dror Mishani: hooggespannen verwachtingen
In zijn thrillerdebuut De verdwenen zoon laat de Israëlische Dror Mishani zijn hoofdpersoon Avri Avraham zeggen dat er niet veel thrillers zijn verschenen in Israël omdat zulke misdaden daar niet voorkomen. Er is volgens Avri Avraham geen sprake van seriemoordenaars, ontvoeringen of vergelijkbare misdaden. Als er een misdaad wordt gepleegd, is meestal een buurman, oom of grootvader verantwoordelijk. Allemaal zaken waarvoor geen ingewikkeld onderzoek nodig is. Een mooie verklaring voor het feit dat er weinig thrillers hun oorsprong vinden in Israël.
Op een doordeweekse namiddag zit rechercheur Avri Avraham achter zijn bureau op het politiebureau in Cholon, een klein stadje vlakbij Tel Aviv, als Channa Sjar’abi het bureau binnenloopt omdat haar zoon die dag niet is thuisgekomen. ’s Ochtends was de 16-jarige Ofer gewoon naar school gegaan. Avraham neemt ruim de tijd om haar af te poeieren en vertelt haar dat als Ofer de volgende dag nog niet thuis is, dat ze dan weer mag komen en hij dan op onderzoek uit zal gaan. De volgende dag is Ofer nog niet teruggekeerd, en dus gaat Channa weer naar het bureau. Er zit voor Avraham niets anders op dan een onderzoek op te starten. Dat verloopt traag en moeizaam, niet alleen door de landerige, bijna onverschillige houding van Avraham, maar ook door het gebrek aan aanwijzingen. Het enige feit dat er lijkt te zijn, is dat Ofer op een dag naar school ging en niet meer thuiskwam.
Zeëv Avni, de benedenbuurman bemoeit zich intensief met het onderzoek, dringt zichzelf op aan Avraham. Een paar dagen later belt Zeëv, zonder zijn naam te noemen, naar de politie om door te geven dat op een bepaalde plek een lichaam ligt. Hiermee brengt hij bewust de politie op een dwaalspoor, want hij heeft het verzonnen. Zeëv is geobsedeerd door de zoektocht naar Ofer en maakt zichzelf verdacht in de ogen van Avraham en diens collega’s. Vraag is of hij dat ook is of heeft hij inspiratie nodig om te kunnen schrijven?
De flaptekst op De verdwenen zoon spreekt over een "spannende pageturner waarin een treffend beeld wordt geschetst van het kleinstedelijk leven in Tel Aviv en de spanningen in Israël". Het lijkt alsof deze tekst over een ander boek gaat. De verdwenen zoon is best een spannend verhaal, maar beslist geen pageturner te noemen. Daar ligt het tempo veel te laag voor en is de sfeer in het boek veel te sloom voor; denk hierbij aan een broeierige, lome zomerdag.
Het beeld van het kleinsteedse leven dat wordt geschetst is niet typisch voor kleine stadjes bij Tel Aviv. Overal in de westerse wereld zijn voorstadjes te vinden waar nooit iets lijkt te gebeuren, tot die ene moord of verdwijning. En wat betreft de spanningen in Israël: die zijn er beslist, maar niet in dit boek. De enige aanwijzingen dat het boek zich in Israël afspeelt zijn naast de plaatsnamen en straten, de verwijzingen naar de sabbatsviering en de dienstplicht. Geen bomaanslagen, kolonisten, Hamas of Gazastrook te bekennen in De verdwenen zoon. Dit verhaal had zich ook elders in de Westerse wereld kunnen afspelen.
Avri Avraham is in de eerste helft van het verhaal niet vooruit te branden, alles lijkt hem te veel. Het zorgt ervoor dat hij allerlei belangrijke aanwijzingen over het hoofd ziet in het onderzoek. Pas veel later is hij druk bezig al zijn fouten te herstellen en lijkt hij zijn eerdere gedrag te betreuren. Er wordt geen verklaring gegeven voor zijn gedrag. Avri Avraham laat zich op deze manier moeilijk in het hart sluiten. Hetzelfde geldt voor Zeëv, die overkomt als een rare vogel, met eveneens onverklaarbaar gedrag. Het onderzoek blijft in kringetjes ronddraaien tot er maar een mogelijkheid overblijft. Tegen de tijd dat de ontknoping eindelijk nadert is die allang geen verrassing meer.
Mijn verwachtingen over De verdwenen zoon waren hooggespannen, mede door de flaptekst en de jubelende recensies in de kranten. De teleurstelling over deze spannende roman is des te groter. Het is mij nu wel duidelijk waarom er geen thrillers in het Hebreeuws verschijnen.
Op een doordeweekse namiddag zit rechercheur Avri Avraham achter zijn bureau op het politiebureau in Cholon, een klein stadje vlakbij Tel Aviv, als Channa Sjar’abi het bureau binnenloopt omdat haar zoon die dag niet is thuisgekomen. ’s Ochtends was de 16-jarige Ofer gewoon naar school gegaan. Avraham neemt ruim de tijd om haar af te poeieren en vertelt haar dat als Ofer de volgende dag nog niet thuis is, dat ze dan weer mag komen en hij dan op onderzoek uit zal gaan. De volgende dag is Ofer nog niet teruggekeerd, en dus gaat Channa weer naar het bureau. Er zit voor Avraham niets anders op dan een onderzoek op te starten. Dat verloopt traag en moeizaam, niet alleen door de landerige, bijna onverschillige houding van Avraham, maar ook door het gebrek aan aanwijzingen. Het enige feit dat er lijkt te zijn, is dat Ofer op een dag naar school ging en niet meer thuiskwam.
Zeëv Avni, de benedenbuurman bemoeit zich intensief met het onderzoek, dringt zichzelf op aan Avraham. Een paar dagen later belt Zeëv, zonder zijn naam te noemen, naar de politie om door te geven dat op een bepaalde plek een lichaam ligt. Hiermee brengt hij bewust de politie op een dwaalspoor, want hij heeft het verzonnen. Zeëv is geobsedeerd door de zoektocht naar Ofer en maakt zichzelf verdacht in de ogen van Avraham en diens collega’s. Vraag is of hij dat ook is of heeft hij inspiratie nodig om te kunnen schrijven?
De flaptekst op De verdwenen zoon spreekt over een "spannende pageturner waarin een treffend beeld wordt geschetst van het kleinstedelijk leven in Tel Aviv en de spanningen in Israël". Het lijkt alsof deze tekst over een ander boek gaat. De verdwenen zoon is best een spannend verhaal, maar beslist geen pageturner te noemen. Daar ligt het tempo veel te laag voor en is de sfeer in het boek veel te sloom voor; denk hierbij aan een broeierige, lome zomerdag.
Het beeld van het kleinsteedse leven dat wordt geschetst is niet typisch voor kleine stadjes bij Tel Aviv. Overal in de westerse wereld zijn voorstadjes te vinden waar nooit iets lijkt te gebeuren, tot die ene moord of verdwijning. En wat betreft de spanningen in Israël: die zijn er beslist, maar niet in dit boek. De enige aanwijzingen dat het boek zich in Israël afspeelt zijn naast de plaatsnamen en straten, de verwijzingen naar de sabbatsviering en de dienstplicht. Geen bomaanslagen, kolonisten, Hamas of Gazastrook te bekennen in De verdwenen zoon. Dit verhaal had zich ook elders in de Westerse wereld kunnen afspelen.
Avri Avraham is in de eerste helft van het verhaal niet vooruit te branden, alles lijkt hem te veel. Het zorgt ervoor dat hij allerlei belangrijke aanwijzingen over het hoofd ziet in het onderzoek. Pas veel later is hij druk bezig al zijn fouten te herstellen en lijkt hij zijn eerdere gedrag te betreuren. Er wordt geen verklaring gegeven voor zijn gedrag. Avri Avraham laat zich op deze manier moeilijk in het hart sluiten. Hetzelfde geldt voor Zeëv, die overkomt als een rare vogel, met eveneens onverklaarbaar gedrag. Het onderzoek blijft in kringetjes ronddraaien tot er maar een mogelijkheid overblijft. Tegen de tijd dat de ontknoping eindelijk nadert is die allang geen verrassing meer.
Mijn verwachtingen over De verdwenen zoon waren hooggespannen, mede door de flaptekst en de jubelende recensies in de kranten. De teleurstelling over deze spannende roman is des te groter. Het is mij nu wel duidelijk waarom er geen thrillers in het Hebreeuws verschijnen.
vrijdag 1 november 2013
Niemand weet, de eerste thriller van Gerda Crouset
Niemand weet is de
eerste thriller van de Nederlandse Gerda Crouset. In 2011 verscheen van haar
hand Date, een autobiografische roman over een weduwe die op internet aan het
daten gaat.
In Niemand weet breekt een belangrijke en tegelijkertijd spannende dag aan voor Leo van ’t Sant. In het Sedna Wellness Centrum waar hij werkt, vindt de feestelijke opening plaats van het Hooibed Chalet. Er worden veel nieuwe gasten verwacht en ook de pers zal aanwezig zijn. Uitgerekend vandaag kan John, de eigenaar, er niet zijn omdat diens moeder onverwacht ziek is geworden. Leo mag de honneurs waarnemen, iets waar hij enorm tegen op ziet. Vooral vanwege het praatje dat hij van John uit zijn hoofd moet houden en niet mag voorlezen. Daarnaast is hij er erg mee bezig wat andere van zijn verminkte oor en het litteken vinden. Tot overmaat van ramp ziet hij tussen de aanwezigen Julie, die er vandaag bij is om als journaliste verslag te doen van de feestelijkheden. Lang geleden was Julie zijn vakantievriendinnetje aan wie hij het ware verhaal over de brand in de stomerij van zijn grootouders, de moeder die na zijn geboorte was vertrokken en over zijn dikke tante Anne die de brand niet overleefde. Leo vreest dat Julie zijn verschrikkelijke geheim zal onthullen.
Julie herkent Leo ook, ondanks dat hij nu een andere achternaam heeft. Langzaam komen de herinneringen terug over wat hij haar destijds vertelde. Ze voelt zich steeds minder op haar gemak in het Wellness Centrum, bang voor wat Leo zou kunnen doen als hij haar herkent.
Niemand weet heeft de potentie om een goede thriller te worden. Helaas is dat niet het geval, want het verhaal wil maar niet spannend worden. De plot rammelt en er vallen gaten. Zo wordt er niets gedaan met de dreiging die Leo uitstraalt richting Julie. Het enige schrikmoment blijkt toeval en met een sisser af te lopen. Leo heeft alles in zich om een echte, enge creep te zijn, maar blijft een onnozele sukkel. Jammer, want een gemiste kans.
De toedracht van de moord, die als een verplicht nummer lijkt te zijn opgevoerd, is al na de proloog duidelijk. Vervolgens hobbelt het verhaal verder om op het einde met twee onthullingen te komen die als konijnen uit de hoge hoed worden getoverd.
Het verhaal mist diepgang. De motieven van Leo worden niet duidelijk. Evenmin als de redenen van John om Leo niet eerder in te lichten over voor hen beiden belangrijke zaken.
Je verwacht een zenuwslopend kat- en muisspel tussen Leo en Julie, maar dat komt niet.
Leo, Julie en de andere personages blijven eendimensionaal en komen niet tot leven. Leo is een onsympathieke loser. Julie blijft zo oppervlakkig dat het niet mogelijk is om met haar mee te leven. Het gedrag van de personages is te vaak niet geloofwaardig.
De sfeer in de stomerijscènes in Niemand weet doet denken aan de jaren vijftig. De stomerijscènes doen Vlaams aan door het taalgebruik en de manier van doen en laten van de personages, met name opa Bart. Het geeft een vervreemdend effect, want aangenomen dat het hoofdverhaal zich afspeelt in het heden, dan zouden de jeugdherinneringen van Leo zich in Nederland in de jaren zeventig/tachtig moeten afspelen.
Tot slot toch een positief punt. Gerda Crouset laat met Niemand weet zien over genoeg verbeeldingsvermogen te beschikken om een verhaal te bedenken. Het is dan ook te hopen dat ze de juiste middelen vindt om van haar volgende boek een écht spannende thriller te maken.
In Niemand weet breekt een belangrijke en tegelijkertijd spannende dag aan voor Leo van ’t Sant. In het Sedna Wellness Centrum waar hij werkt, vindt de feestelijke opening plaats van het Hooibed Chalet. Er worden veel nieuwe gasten verwacht en ook de pers zal aanwezig zijn. Uitgerekend vandaag kan John, de eigenaar, er niet zijn omdat diens moeder onverwacht ziek is geworden. Leo mag de honneurs waarnemen, iets waar hij enorm tegen op ziet. Vooral vanwege het praatje dat hij van John uit zijn hoofd moet houden en niet mag voorlezen. Daarnaast is hij er erg mee bezig wat andere van zijn verminkte oor en het litteken vinden. Tot overmaat van ramp ziet hij tussen de aanwezigen Julie, die er vandaag bij is om als journaliste verslag te doen van de feestelijkheden. Lang geleden was Julie zijn vakantievriendinnetje aan wie hij het ware verhaal over de brand in de stomerij van zijn grootouders, de moeder die na zijn geboorte was vertrokken en over zijn dikke tante Anne die de brand niet overleefde. Leo vreest dat Julie zijn verschrikkelijke geheim zal onthullen.
Julie herkent Leo ook, ondanks dat hij nu een andere achternaam heeft. Langzaam komen de herinneringen terug over wat hij haar destijds vertelde. Ze voelt zich steeds minder op haar gemak in het Wellness Centrum, bang voor wat Leo zou kunnen doen als hij haar herkent.
Niemand weet heeft de potentie om een goede thriller te worden. Helaas is dat niet het geval, want het verhaal wil maar niet spannend worden. De plot rammelt en er vallen gaten. Zo wordt er niets gedaan met de dreiging die Leo uitstraalt richting Julie. Het enige schrikmoment blijkt toeval en met een sisser af te lopen. Leo heeft alles in zich om een echte, enge creep te zijn, maar blijft een onnozele sukkel. Jammer, want een gemiste kans.
De toedracht van de moord, die als een verplicht nummer lijkt te zijn opgevoerd, is al na de proloog duidelijk. Vervolgens hobbelt het verhaal verder om op het einde met twee onthullingen te komen die als konijnen uit de hoge hoed worden getoverd.
Het verhaal mist diepgang. De motieven van Leo worden niet duidelijk. Evenmin als de redenen van John om Leo niet eerder in te lichten over voor hen beiden belangrijke zaken.
Je verwacht een zenuwslopend kat- en muisspel tussen Leo en Julie, maar dat komt niet.
Leo, Julie en de andere personages blijven eendimensionaal en komen niet tot leven. Leo is een onsympathieke loser. Julie blijft zo oppervlakkig dat het niet mogelijk is om met haar mee te leven. Het gedrag van de personages is te vaak niet geloofwaardig.
De sfeer in de stomerijscènes in Niemand weet doet denken aan de jaren vijftig. De stomerijscènes doen Vlaams aan door het taalgebruik en de manier van doen en laten van de personages, met name opa Bart. Het geeft een vervreemdend effect, want aangenomen dat het hoofdverhaal zich afspeelt in het heden, dan zouden de jeugdherinneringen van Leo zich in Nederland in de jaren zeventig/tachtig moeten afspelen.
Tot slot toch een positief punt. Gerda Crouset laat met Niemand weet zien over genoeg verbeeldingsvermogen te beschikken om een verhaal te bedenken. Het is dan ook te hopen dat ze de juiste middelen vindt om van haar volgende boek een écht spannende thriller te maken.
donderdag 4 juli 2013
Verdronken hart van Lisa Unger: spannende psychologische roman over moeder-dochterverhoudingen
Het omslag en de flaptekst van Verdronken hart van de Amerikaanse auteur Lisa Unger wekken hoge verwachtingen bij de lezer, door de lovende aanbeveling van Karin Slaughter en quotes als ‘Koningin van de psychologische thriller’, ‘Literaire thriller’ en ‘Pageturner’. Het boek belooft hiermee al op voorhand nagelbijtend spannend te zijn, diepgang te hebben en goed geschreven te zijn. De personages zijn geloofwaardig en realistisch. De lezer zal het boek in een adem willen uitlezen. De lezer van deze recensie zal benieuwd zijn of deze verwachtingen worden waargemaakt.Kate heeft helaas niet alleen haar handen vol aan de oudere generatie, ze heeft het ook te stellen met de jongere generatie in de vorm van haar puberdochter. Die vindt dat ze toe is aan een eigen leven en maakt daarbij de voor de hand liggende verkeerde beslissingen.
De derde hoofdpersoon is Emily, serveerster in een klein restaurant. Sinds enige tijd heeft ze een vriend, Dean. Tijdens de eerste maanden hadden ze het leuk samen. Nadat Dean zijn baan kwijt is geraakt, hangt hij te veel rond in het huisje van Emily en geeft hij in hoog tempo haar moeizaam verdiende geld uit aan drugs.
Het eiland is eigendom van Birdie’s familie. Het is de enige plek waar Birdie zich thuis voelt.
Het verhaal begint met de voorbereidingen van Birdie voor de jaarlijkse familievakantie op het eiland. Het ene familielid na het andere haakt met een slap excuus af. De ware reden is dat ze het niet verdragen met Birdie samen te zijn. Kate, de brave dochter, bijt door de zure appel heen, ondanks tegenzin en slechte voorgevoelens. Met dochter en diens vriendin gaat ze op weg naar het eiland.
Dean is zijn oude maat Brad veel geld verschuldigd en wordt door hem onder druk gezet om samen een roofoverval te plegen. De roofoverval, die gigantisch uit de hand loopt, zet een hele serie afschuwelijke gebeurtenissen in gang. Emily die gedwongen werd mee te werken, raakt er meer bij betrokken dan haar lief is.
Verdronken hart is een spannend verhaal te noemen, door de vragen die het oproept. Wat zou er in het verleden zijn gebeurd op het eiland? Waarom is Birdie zo kil? En loopt het goed af met de drie vrouwen?
Toch is het lastig om dit boek het label 'thriller' te geven. In de eerste helft van het boek staat de spanning op een te laag pitje. De nadruk ligt op de moeder-dochterverhouding. Zowel Kate als Emily hebben een moeizame relatie met hun moeder, waarvan de basis al in hun jeugd is gelegd. Pas na de roofoverval verandert de sfeer en verdient Verdronken hart het 'thriller' genoemd te worden. In hoog tempo volgen de gebeurtenissen elkaar op en neemt de spanning op iedere bladzijde toe. De term 'pageturner' is dan terecht.
Birdie, Kate en Emily komen alle drie tot leven. Geleidelijk aan wordt de logica achter hun gedrag duidelijk en worden hun geheimen en trauma’s uit het verleden zichtbaar. Zorgvuldig beschrijft Lisa Unger hun gevoelens. Voor het geweld kiest ze krachtigere taal. Goed gebalanceerd en mooi geformuleerd.
Het is lastig een oordeel te geven over Verdronken hart. Niet omdat het een slecht boek zou zijn. Integendeel, het is zeker de moeite van het lezen waard. De hooggespannen verwachtingen worden echter niet waargemaakt. Het boek mist spanning in de eerste helft en dat is toch wat van een thriller een thriller maakt. Het zou beter zijn om het boek te labelen als een spannend geschreven psychologische roman over moeder-dochterverhoudingen, vergelijkbaar met de boeken die collega-uitgeverij Orlando uitgeeft.
woensdag 26 juni 2013
Delete van Juultje van den Nieuwenhof: toont aan hoe groot de macht van social media is
Begin 2013 won Juultje van den Nieuwenhof de Crimezone YAthrillerschrijfwedstrijd en werd haar inzending Delete uitgegeven. Een goede beslissing van de jury want Delete is een debuut dat staat. Nog lang na lezing blijft een onaangenaam gevoel hangen over het einde dat geen einde is. En hoe langer je nadenkt over het groepje pubers dat de hoofdrol heeft in Delete hoe meer rillingen er over de rug lopen. Delete laat zien hoe eenvoudig het is iemands offline leven te verwoesten door iemand online uit te wissen. Klas 4B staat bekend als de ergste, de moeilijkste klas van de school. De vorige lerares Nederlands heeft het daarom niet lang volgehouden. Reden te meer voor Julia de Vries om het anders aan te pakken. Zij benadert de leerlingen als gelijken, wordt vrienden met ze op facebook en vertelt op facebook uitgebreid over haar leven buiten school. De leerlingen hebben het gevoel dat ze een van hen is en dat ze haar kunnen vertrouwen. Na een schokkend incident tijdens de werkweek komt een aantal er achter dat dat niet het geval is. Met z’n vijven besluiten ze wraak te nemen. Ze vormen een geweldig team dat elkaar goed aanvult en versterkt. Ieder type puber is vertegenwoordigt: de nerd, de knappe en rijke jongen, het mooiste meisje van de klas, het liefste en meest zorgzame meisje van de klas en het crimineeltje. Na het hacken van de pc van Julia de Vries door de nerd, wordt het online geweld van de leerlingen buitenproportioneel.
Het is een goede beslissing van Juultje van de Nieuwenhof geweest om Delete geheel vanuit het perspectief van de Young Adults te schrijven. Nergens zijn volwassenen in de vorm van ouders of leraren aan het woord. Vaak hebben volwassenen in vergelijkbare boeken een moraliserende stem, als tegenwicht. Hun personages voegen geweten en schuldbesef toe aan het verhaal. Het weglaten van deze personages was een geniale zet, die er voor zorgde dat het verhaal naar een hoger plan werd getild.
Hopelijk komt Juultje van den Nieuwenhof binnenkort met een nieuwe YAThriller waarin ze nogmaals haar talent kan laten zien.
maandag 8 april 2013
Mist van Martine Kamphuis: een herkenbare, spannende YA-thriller
In Mist, de YA-thriller van Martine Kamphuis, kan Carlo, een eerstejaars student geneeskunde in Utrecht, zijn geluk niet op als Walter, een ouderejaars, hem een kamer aanbiedt in Bothar, het studentenhuis waar hij woont. Al snel komt Carlo er achter dat er vreemde zaken spelen in Bothar en vraagt hij zich af of hij er wel goed aan heeft gedaan te verhuizen. De huisgenoten lijken niet echt geïnteresseerd in Carlo. Van Malika, de hoofdbewoonster, kan Carlo geen hoogte krijgen. Het ene moment zoekt ze toenadering tot hem, om het volgende moment weer heel afstandelijk te doen. Met één voormalige huisgenoot is iets geheimzinnigs gebeurd, een andere is weggestuurd. Niemand wil erover praten, het lijkt of iedereen iets te verbergen heeft. Tijdens een weekje Ameland met alle huisgenoten komen alle spanningen en emoties tot uitbarsting, met fatale gevolgen. Mist laat op een mooie manier zien hoe Carlo verandert. Eerst is hij een onzekere jongen die aansluiting zoekt bij onbekende mensen in een nieuwe wereld, en daarvoor heel ver wil gaan, tot ruim over zijn grenzen. Uiteindelijk wordt hij meer zichzelf en neemt hij zijn eigen beslissingen, al gaan die tegen de wensen van anderen in. Door de bijzondere gebeurtenissen wordt hij in korte tijd volwassen. In dit opzicht is Mist een prachtig coming-of-age boek te noemen. Daarnaast is het gelukkig ook een onvervalste spannende thriller. Carlo en zijn huisgenoten schrikken iedere keer weer van die geheimzinnige zwarte schim die door de kamer schiet. En dan is er nog het raadsel wat er met de overleden huisgenoot is gebeurd. Ongeluk, zelfmoord, of toch moord? Carlo gaat uit nieuwsgierigheid op onderzoek uit. Tot zijn grote ontsteltenis ontdekt hij dat zijn huisgenoten hem zeker niet alles vertellen, en in ieder geval niet te vertrouwen zijn.
Martine Kamphuis heeft zich goed ingeleefd in de personages. Hun gevoelens van onzekerheid, angst, maar ook macht en boosheid weet zij goed te verwoorden. Ze zijn herkenbaar voor jongeren die zoeken naar hun weg in het leven, ondertussen uitgebreid experimenterend met liefde, seks en vriendschap. Iedereen in Bothar worstelt op een of andere manier met zijn of haar jeugd of afkomst. In deze fase van hun leven moeten zijn zich losmaken van hun ouders, en een nieuwe band met hen opbouwen.
Mist is een boek dat jongeren door de herkenbare thematiek en het spannende verhaal beslist zal aanspreken!
Deze recensie is ook te lezen op www.crimezone.nl
De expat van Patricia Snel geeft realistisch beeld van expatleven in Singapore
Patricia Snel vertelde tijdens de presentatie van De expat, haar derde thriller, dat haar verblijf in Singapore als expat haar inspireerde tot het schrijven ervan. En dan vooral haar overbuurman. Het zal de lezer dan niet verbazen dat dit verhaal zich geheel afspeelt in de wereld van de expats in Singapore en daar een realistisch beeld van schetst.Op een dag ontdekt Julia, met de verrekijker van Paul, in het flatgebouw aan de overkant een man die haar begluurt. Er ontstaat een flirterig spel tussen Julia en de overbuurman. Voordat Julia het in de gaten heeft, loopt het spel gigantisch uit de hand en zijn de gevolgen niet te overzien.
Ongeveer tegelijkertijd vindt Julia, tijdens het snuffelen in de spullen van haar meid, een foto van een andere 'maid' die gruwelijk is mishandeld. Geschrokken van de foto, besluit Julia op onderzoek uit te gaan en komt ze achter de schokkende waarheid over de mensenhandel en de kinderprostitutie in Azië. Een waarheid die haar leven en dat van vele anderen in gevaar brengt.
De expat begint bijna als een chicklit, met een vrouw niet genoeg aandacht krijgt van haar man. Ze twijfelt of hij echt veel aan het werk is, of dat hij vreemdgaat. Uit een soort balorigheid begint ze te flirten met een andere man. De lezer wordt hierdoor flink op het verkeerde been gezet, want ongeveer halverwege verandert de toon van het boek drastisch. De expat verandert in een spannende thriller waarin wordt verteld over uitbuiting, mensenhandel en (kinder)prostitutie. Patricia Snel heeft zich duidelijk goed in de materie verdiept en laat een huiveringwekkend beeld zien.
De schrijfstijl van Patricia Snel is vlot en luchtig, zoals gebruikelijk in chicklits. Vooral in de eerste helft van het boek strooit ze rijkelijk met namen van merken, champagne en andere luxezaken. Het vergroot het contrast tussen het luxeleven van de expats en het armoedige leven van de uitgebuite gastarbeiders en prostituees.
Op het eerste gezicht lijkt Julia een typische expatvrouw die net als de andere in het begin moeite heeft om haar draai te vinden. Bij nader inzien zit ze toch anders in elkaar. Ze wil net als in Nederland graag aan het werk op haar niveau. Bij gebrek hieraan zoekt ze op een andere manier spanning en uitdaging. In eerste instantie door te flirten en later door haar onderzoek. Gaandeweg verandert ze in een sociaal bewogen vrouw, zodra ze doorheeft wat er speelt achter de mooie, opgeruimde façades van Singapore. Het maakt haar tot een echt mens.
Helaas zijn niet alle personages zo goed gelukt als Julia. Haar vriendinnen blijven wat vlak en oppervlakkig. En haar moeder ontstijgt niet het clichébeeld van de typisch Nederlandse, zeurende en klagende moeder. Met de vader van Julia is iets geheimzinnigs gebeurd. Het komt een paar keer terug in het verhaal, maar blijft hangen in vaagheden. Het had beter geweest als dit wat duidelijker was uitgewerkt, of gewoon was weggelaten, want voor het verhaal heeft het geen functie.
De spanning is in het eerste deel enkel aanwezig in de vorm van een kil briesje. Het wordt veroorzaakt doordat de belevenissen van Julia worden afgewisseld met die van een man die zich bezighoudt met een kwalijke handel, waar hij uiterst grof over spreekt. Later, als bekend is wie deze man is, blijft het verhaal uitermate spannend voor de lezer, die wil weten of de man ermee wegkomt, of niet.
De expat is een thriller die zowel de zonnige kant van Singapore laat zien, als de aandacht vestigt op de schaduwzijden. Dat is goed, want zo krijgt het verhaal de nodige diepgang en wordt het de moeite van het lezen meer dan waard.
Deze recensie is ook te lezen op www.crimezone.nl
donderdag 24 januari 2013
Link van Patricia Cornwell: de actie is minimaal, het geneuzel maximaal
In 1990 verscheen Fataal weekend, de eerste thriller van Patricia Cornwell in een serie over de patholoog-anatoom Kay Scarpetta. Met de ijzersterke eerste delen uit de serie vestigde Patricia Cornwell haar naam. Veel (thriller)auteurs gaan in de loop der jaren betere boeken schrijven, omdat ze er meer handigheid in krijgen en ervaring opdoen. Helaas is dit bij Patricia Cornwell niet het geval, integendeel. Zij heeft de laatste jaren niet meer het hoge niveau uit het begin van haar carrière gehaald. Het zorgt er helaas voor dat haar boeken zich slechts met de grootste moeite en inspanning laten lezen.Eerder die dag had ze een raadselachtige e-mail ontvangen van een onbekende afzender met in de bijlagen een filmpje van een verdwenen archeoloog en een foto van een afgesneden oor. Scarpetta gaat eerst op onderzoek naar de identiteit van de in het water gevonden vrouw en de doodsoorzaak. Hierbij wordt ze bijgestaan door haar team, Pete Marino, haar echtgenoot en FBI-baas Benton. Haar nichtje Lucy, de vreemde IT-techneut, is ook van de partij. Terwijl Scarpetta het onderzoek uitvoert, mijmert ze geregeld over haar huwelijk met Benton en de spanning die er is tussen haar en haar medewerker Luke. Geregeld voert ze een gesprek met iemand over de zaak terwijl ze ondertussen nadenkt over een ander gesprek of over de diepere, ware betekenis van het huidige gesprek. Beide elementen zorgen voor een trage, stroperige plot en een nauwelijks aanwezige spanningsboog.
Patricia Cornwell munt uit in eindeloze uitweidingen en oeverloze gesprekken. Alles wordt tot in de kleinste details verteld. Ze laat niets over aan de verbeelding van de lezer. De actie is minimaal, het geneuzel maximaal. Op een derde van Link heeft ze enkel een mysterieus mailtje ontvangen, is ze getuige geweest en is het lichaam van de vrouw net boven water gehaald.
Pas in de laatste hoofdstukken komt er een beetje vaart in het verhaal. Op het allerlaatste wordt de dader als een konijn uit de hoge hoed getoverd. De ontknoping is mede hierdoor ongeloofwaardig. Nergens zijn aanwijzingen te vinden die naar deze dader leiden. De dader speelt in de rest van het verhaal een te verwaarlozen rol, en zijn motieven om juist deze mensen te vermoorden zijn niet duidelijk. Ook blijven er te veel losse eindjes hangen.
Het ultieme cliché ontbreekt niet. Op het einde wordt iemand, die op dat moment alleen is en geen gevaar verwacht, ontvoerd door de slechterik. Precies op tijd is de redding nabij en wordt de slechterik opgepakt dankzij redders, die geheel toevallig wisten waar het slachtoffer zich bevond.
Kay Scarpetta wordt in Link neergezet als een onzekere vrouw, die moeite heeft met haar leeftijd, twijfelt aan haar relatie, bezorgd is over een katje en veel moeite doet om de naam van het beestje te achterhalen, en in ieder gesprek naar een diepere betekenis zoekt. Het komt ongeloofwaardig en niet realistisch over, want met deze eigenschappen lijkt het de lezer niet waarschijnlijk dat ze hoofd is van een vooraanstaand forensisch instituut. Tot overmaat van ramp schiet ook de vertaling te kort. Het boek is rijkelijk gevuld met anglicismen waar goede Nederlandse vertalingen voor bestaan. Bijvoorbeeld abdomen en onderbuik, gedehydreerd en uitgedroogd. 'Contusies' is een woord dat niet bestaat in het Nederlands. Contusions laat zich beter vertalen als kneuzingen. Om nog maar te zwijgen over ‘hardhouten’ bomen.
Het zou voor iedereen het beste zijn als Patricia Cornwell besluit dat Link het laatste deel is in de Kay Scarpetta-reeks en ze de lezer verrast met een nieuwe, spannende, goedgeschreven thriller met nieuwe hoofdpersonen.
Deze recensie staat ook op www.crimezone.nl.
donderdag 6 december 2012
Wraak van Chelsea Cain: origineel en interessant verhaal
Wraak is het vijfde deel in de thrillerserie van Chelsea Cain, die zich grotendeels afspeelt in Portland, Oregon rond rechercheur Archie Sheridan en seriemoordenares Gretchen Lowell.
Rechercheur Archie Sheridan heeft ternauwernood de overstroming in Portland en de gruwelijke moordaanslag overleefd. Het leven lijkt hem eindelijk een beetje toe te lachen. Zijn tegenspeelster Gretchen Lowell zit tot zijn grote opluchting veilig opgeborgen in een psychiatrische inrichting. In het appartementencomplex waar Sheridan woont, is een mooie vrouw komen wonen, die in hem geïnteresseerd lijkt te zijn. En hij is eindelijk afgekickt van zijn medicijnenverslaving.
Het geluk is van korte duur omdat er vlak na elkaar twee lichamen worden gevonden, beide met een lelie naast zich. Bij één lichaam is een hart in de borst gekerfd, precies zo’n hart als Lowell ooit in de borst van Sheridan kerfde. Lowell kan dit niet gedaan hebben want zij is immers opgesloten. Sheridan wil hier zeker van zijn en brengt haar een bezoek. Tijdens het bezoek confronteert hij haar met bepaalde feiten uit het interview dat Lowell net daarvoor gaf aan journaliste Susan Ward. Lowell wekt de suggestie meer te weten over de moorden met de lelie en het hart. Aan Sheridan om te bepalen hoe betrouwbaar Lowell deze keer is. Hij heeft niet in de gaten te hebben hoe dichtbij het gevaar loert...De ingewikkelde relatie tussen Sheridan en Lowell maakt van Wraak een hoogst origineel en interessant boek. Zij staan immers elk aan een andere kant van de wet, en hebben tegenovergestelde ideeën over goed en kwaad. Zijn werk is zoeken naar en oppakken van mensen zoals zij. Zij heeft hem zowel geestelijk als lichamelijk gemarteld. Beiden hebben meermalen de gelegenheid gehad om de ander te doden, maar lieten elkaar leven. Er is duidelijk een onverklaarbare, fysieke en geestelijke aantrekkingskracht tussen Sheridan en Lowell. Knap en bewonderenswaardig van Cain dat ze deze gecompliceerde relatie geloofwaardig weet te beschrijven. Zijn relatie met Lowell, zorgt ervoor dat Sheridan geen clichématige rechercheur is: tobberig, gescheiden en geen privéleven.
De andere personages en hun onderlinge verhoudingen heeft Cain ook levensecht beschreven. Ze laat bijvoorbeeld zien hoe zich de band ontwikkelt tussen Susan Ward, de journaliste die het maar niet lukt om haar leven op orde te krijgen, en haar moeder Bliss, een echte hippie die zich nergens voor schaamt en nog steeds zonder bh in t-shirts met vage kreten erop rondloopt. De opstandige puber Pearl is op het randje van over-the-top maar blijft net realistisch. De gruwelijke details heeft Chelsea Cain binnen de perken weten te houden, ze zijn wel gruwelijk maar het zijn er gelukkig niet te veel.
Dankzij de prettige schrijfstijl van Chelsea Cain leest het boek lekker weg. Wraak doet verlangen naar het zesde deel in deze serie, want de lezer is zeer benieuwd hoe het verder gaat met Sheridan en zijn aantrekkelijke buurvrouw, en wat het lot van Lowell is.
Deze recensie is ook te lezen op www.crimezone.nl
donderdag 5 juli 2012
De eerste dode van Joop van Riessen: actuele Amsterdamse politieroman
De eerste dode is het vierde boek in de serie over Anne Kramer, chef Bureau Zware Criminaliteit bij de Amsterdamse politie. Het zit haar niet mee in haar privéleven. Na de echtscheiding van haar zeer gelovige echtgenoot had ze eindelijk de echte liefde gevonden. Die was echter van korte duur want aan het einde van deel drie, De bonusmaffia, maakte haar geliefde een noodlottige val van het dak. Op het moment dat De eerste dode begint is dit zes weken geleden. Anne Kramer gaat, tegen het advies van iedereen in, toch weer aan de slag en probeert krampachtig de draad op te pakken.
De Italiaanse Paola bezorgt haar en haar rechercheurs het nodige werk. Paola was, zeer tegen de zin van haar vader, met een groepje vrienden naar Amsterdam gegaan. Al op de eerste dag raakte ze tijdens krakersrellen haar vrienden kwijt en belandde ze in Amsterdam-Oost. Daar ontmoette ze Harry, oud-politieman, die zich over haar ontfermde. Niet lang daarna kwam ze Naïma tegen, een leuke, moderne Marokkaanse vrouw. Het was liefde op het eerste gezicht tussen de vrouwen, al realiseerden zij zich dat het een heleboel gedoe zou geven binnen hun families. Naïma heeft een kapperszaak in de Javastraat en samen maken ze hier een ontmoetingsplek van voor allochtone vrouwen.
Ondertussen doet Paola's vader zijn best om zijn dochter terug te vinden. Op Italiaanse wijze benadert hij mensen in Nederland en Italië en zet ze onder druk om zo snel mogelijk zijn dochter op te sporen. Dan wordt een kraker vermoord die Paola op haar eerste dag in Amsterdam in een kraakpand/alternatieve broedplaats tegenkwam. Het was een rare snuiter die haar wel zag zitten. Gevolgd door een tweede moord, ditmaal op een Marokkaanse jongen die Paola lastig viel. Toeval of niet?
Het is bewonderenswaardig hoe autodidact Joop van Riessen met ieder boek een betere schrijver wordt. De lezer wordt vakkundig op het verkeerde been gezet, wat betreft de ontknoping. Was de schrijfstijl van Joop van Riessen in Vergelding nog houterig en staccato, in De eerste dode lopen de zinnen lekker en vloeiend. Dezelfde opgaande lijn is te zien in het verhaal en de personages. Ieder boek is beter opgebouwd en uitgewerkt dan het voorgaande. Knap hoe hij de liefde tussen twee vrouwen geloofwaardig en realistisch weet te beschrijven. Ook de andere personages komen goed uit de verf.
Complimenten voor deze oud-hoofdcommissaris die na zijn pensionering aan een tweede succesvolle carrière als schrijver van politieromans is begonnen!
Deze recensie is ook te lezen op Crimezone.
De Italiaanse Paola bezorgt haar en haar rechercheurs het nodige werk. Paola was, zeer tegen de zin van haar vader, met een groepje vrienden naar Amsterdam gegaan. Al op de eerste dag raakte ze tijdens krakersrellen haar vrienden kwijt en belandde ze in Amsterdam-Oost. Daar ontmoette ze Harry, oud-politieman, die zich over haar ontfermde. Niet lang daarna kwam ze Naïma tegen, een leuke, moderne Marokkaanse vrouw. Het was liefde op het eerste gezicht tussen de vrouwen, al realiseerden zij zich dat het een heleboel gedoe zou geven binnen hun families. Naïma heeft een kapperszaak in de Javastraat en samen maken ze hier een ontmoetingsplek van voor allochtone vrouwen.
Ondertussen doet Paola's vader zijn best om zijn dochter terug te vinden. Op Italiaanse wijze benadert hij mensen in Nederland en Italië en zet ze onder druk om zo snel mogelijk zijn dochter op te sporen. Dan wordt een kraker vermoord die Paola op haar eerste dag in Amsterdam in een kraakpand/alternatieve broedplaats tegenkwam. Het was een rare snuiter die haar wel zag zitten. Gevolgd door een tweede moord, ditmaal op een Marokkaanse jongen die Paola lastig viel. Toeval of niet?
Het is bewonderenswaardig hoe autodidact Joop van Riessen met ieder boek een betere schrijver wordt. De lezer wordt vakkundig op het verkeerde been gezet, wat betreft de ontknoping. Was de schrijfstijl van Joop van Riessen in Vergelding nog houterig en staccato, in De eerste dode lopen de zinnen lekker en vloeiend. Dezelfde opgaande lijn is te zien in het verhaal en de personages. Ieder boek is beter opgebouwd en uitgewerkt dan het voorgaande. Knap hoe hij de liefde tussen twee vrouwen geloofwaardig en realistisch weet te beschrijven. Ook de andere personages komen goed uit de verf.
Complimenten voor deze oud-hoofdcommissaris die na zijn pensionering aan een tweede succesvolle carrière als schrijver van politieromans is begonnen!
Deze recensie is ook te lezen op Crimezone.
Abonneren op:
Posts (Atom)




