maandag 31 oktober 2011

Botsing van Ingrid Oonincx: vier sterren op Crimezone

Het is moeilijk voor te stellen dat Botsing pas het tweede boek is van de Nederlandse schrijfster Ingrid Oonincx. Ze schrijft alsof ze al een heel oeuvre op haar naam heeft. Geroutineerd en trefzeker vertelt ze in Botsing de verhalen van Anna, Lisa en Ewoud.
Anna is een veelbelovende architect en werkt bij een beroemd bureau. Ze reist over de gehele wereld voor haar werk. Ze ontmoet op die manier veel mannen met wie ze vervolgens een one night stands heeft in hotelkamers. Een levensstijl die zo langzamerhand onbevredigend wordt voor Anna. Ze zou graag een duurzame relatie met een ongetrouwde man willen maar daar slaagt ze niet in. De stabiliteit in haar leven zoekt ze in haar baan en hopelijk ook in een eigen huis. Al snel vindt ze een prachtig appartement in een imposante villa. Helaas is haar blijdschap hierover van korte duur. Op de eerste avond in haar nieuwe appartement vindt ze haar net gekregen papegaai gruwelijk verminkt in zijn kooi.
Lisa is directeur van een vliegtuigmaatschappij. Als succesvolle zakenvrouw heeft ze alles onder controle. In plaats van een secretaresse heeft ze een personal assistent die op zakelijk gebied alles regelt. Thuis heeft ze een huishoudster die zowel voor het huis als voor de kinderen zorgt. Haar zorgvuldig opgebouwde bouwwerk stort langzaam in als twee van de fundamenten wegvallen. Haar Poolse huishoudster vertrekt naar huis om voor een zieke moeder te zorgen en haar man vertrekt tijdelijk naar Amerika voor een universitair gastdocentschap. Tijdens het voor de ontspanning broodnodige rondje hardlopen lijkt het wel alsof ze achtervolgt wordt.
Ewoud had alles: goede baan, leuke vrouw, lief dochtertje, mooi huis. En nu? Nu woont hij in een achterbuurt, mag hij van zijn ex zijn dochtertje niet meer zien omdat zij geschrokken zou zijn van zijn woede aanvallen en vlucht hij in de drank. Ondertussen wordt hij hardhandig herinnerd aan de afspraak dat hij in ruil voor veel geld Nederland zou verlaten. Hij zou wel willen maar hij wil zijn dochtertje niet achterlaten. Hij zet alles op alles om haar te kunnen zien.
Botsing bestaat uit drie afzonderlijke verhaallijnen die op het eerste gezicht niets met elkaar te maken hebben. Het verhaal zit zo ingenieus in elkaar dat de lezer pas op het eind ontdekt wat Anna, Lisa en Ewoud met elkaar verbindt. Iedere verhaallijn is tegelijkertijd een spannend losstaand verhaal en onderdeel van het grote verhaal. Langzaam draaien de verhaallijnen in elkaar, eerst die over Anna en Lisa en in het laatste hoofdstuk volgt de onthulling van Ewoud’s rol in het verhaal. En dan vallen alle puzzelstukjes op hun plaats. Geniaal, goed en overtuigend gedaan.
Botsing heeft alles in zich wat een thriller goed maakt en de moeite van het lezen meer dan waard is. Sterk verhaal, goede spanningsopbouw, interessante realistische personages en een prettige schrijfstijl zonder opsmuk of mooischrijverij. Het zou mij niets verbazen als Botsing hoge ogen gaat gooien bij thrillerprijzen, zoals de Beste Thriller van het jaar van Crimezone.nl of de Gouden Strop.

Deze vier sterren recensie is ook te lezen op http://www.crimezone.nl/web/Thriller/9789044332803_Botsing.htm.

dinsdag 18 oktober 2011

Allen die gestorven zijn van Ake Edwardson: onevenwichtig boek

Uitgeverij AW Bruna lijkt oudere titels een nieuwe kans te willen geven. Eerder dit jaar werd Het laatste journaal  van Petros Markaris uit 1995 opnieuw uitgegeven. Nu is het de beurt aan Allen die gestorven zijn van Åke Edwardson, eveneens uit 1995.
Het eerste hoofdstuk van Allen die gestorven zijn opent met een sublieme scène die werkelijk geniaal is opgebouwd wat betreft spanning en verwachting. Zelden zo’n goede scène gelezen. Het begint heel gewoon met een man die op een bankje langs een oeverpromenade zit. Het is ’s ochtends vroeg, maar al behoorlijk warm. De man en zijn uitzicht worden in detail beschreven. De wind waait zijn haar door elkaar, en de man laat het gebeuren. De lezer begint zich een en ander af te vragen, want hij zit daar al twee uur in dezelfde houding. En dan komt de meesterlijke clou met de verklaring waarom: hij zit met een mes in zijn rug vast aan het bankje.
De dode man blijkt drugshandelaar met vele dubieuze contacten te zijn. Commissaris Sten Ard krijgt de opdracht om deze moord op te lossen. Privédetective en voormalige politieman Jonathan Wide wordt tegen wil en dank bij de zaak betrokken. Er wordt een aanslag op hem gepleegd die een verband lijkt te hebben met deze zaak. Hetzelfde overkomt de weduwe van de drugshandelaar, die vervolgens Wide inhuurt om een en ander uit te zoeken. Grote vraag is of de moord en de aanslagen te maken hebben met de drugshandel in het heden, of dat het allemaal wortelt in een verder verleden. Of hebben de moorden toch een heel ander motief…
Allen die gestorven zijn is een spannend verhaal met een on-Zweedse zinderende hitte. Het laat zich lastig navertellen, want het is een chaotisch verhaal dat van de hak op de tak springt. Allen die gestorven zijn bevat vele verhaallijnen, waarvan sommige niet direct verband lijken te houden met de plot. Zo wordt het niet echt duidelijk wat de rol was van de verhaallijn over het gedrogeerde meisje en de taxichauffeur die haar naar het ziekenhuis bracht. Ook blijven er losse draadjes hangen. Op sommige punten is het boek zeer gedetailleerd, bijvoorbeeld bij de bereiding van eten waar Edwardson vrijwel complete recepten vermeldt en bereidingswijzen uiteenzet. Daar tegenover staan momenten waarop hij met grote stappen door het verhaal gaat, en de lezer het spoor bijster raakt.
Alles bij elkaar levert dit een onevenwichtig boek op. De beginscène is geniaal, en het verhaal is spannend genoeg om door te willen lezen. Zijn schrijfstijl is wel oké, net als de personages die echte mensen van vlees en bloed zijn. Helaas doen de opbouw en verhaalstructuur veel afbreuk aan leesplezier en leesgemak. En toch doet het boek verlangen naar een volgend. Allen die gestorven zijn was in 1995 het debuut van Åke Edwardson. Veel auteurs groeien immers in de loop van hun carrière, en dat - zo weten we intussen - heeft Edwardson duidelijk bewezen.
Drie sterren
Deze recensie is ook te lezen op www.crimezone.nl

Kat en muisspel in Nu jij nog van Katia Lief

Tot die ene noodlottige dag was Karin Schaeffer rechercheur. De dag waarop Martin Price, de domino moordenaar, in koelen bloede haar man en dochtertje vermoordde. Zijn bijnaam dankt hij aan de dominostenen, met een gecodeerde boodschap, die hij vooraf neerlegt in de buurt van zijn toekomstige slachtoffers. Eerder had Price al op gruwelijke wijze een gezin uitgemoord. Die ene dag nam hij wraak op Karin Schaeffer omdat zij verantwoordelijk was voor zijn arrestatie.
Een jaar later denkt zij rust te hebben gevonden nu Price eindelijk opgepakt en opgesloten is. Karin probeert, ook al heeft ze niets meer om voor te leven, een nieuw bestaan op te bouwen in een nieuw huis in een nieuwe buurt. Price weet echter wederom te ontsnappen en een dodelijk kat en muisspel begint. Karin weet dat Price haar zal opzoeken om zijn werk af te maken. Ergens hoopt ze hierop dan hoeft ze de pijn van het verlies niet meer te voelen. Hij dringt inderdaad haar huis binnen. De rollen worden omgedraaid en Karin krijgt de kans Price te doden. Het lijkt zo eenvoudig hem te doden maar lost het iets op? Ze twijfelt lang. Uiteindelijk zal ze veel spijt krijgen van haar beslissing.
Nu jij nog van Katia Lief is een bloedstollende spannende thriller en bevat veel suggestie van gruwelijkheden zonder dat er gruwelijke details beschreven worden. Knap gedaan van Katia Lief. Zij doet overigens niet aan mooischrijverij. Het verhaal wordt rechttoe rechtaan verteld zonder al te veel poespas. Er is veel aandacht voor de depressie van Karin, haar twijfels over haar handelingen en haar opbloeiende gevoelens voor Mac. Dit zorgt er voor dat het onwaarschijnlijke, overduidelijk Amerikaanse verhaal toch geloofwaardig en realistisch overkomt. De plot kent wat verrassende wendingen, net als de lezer denkt te weten hoe het in elkaar zit en al een verdachte op het oog heeft, blijkt het toch heel anders te zijn.
Ontzettend jammer dat er na zo’n mooie en sterke eindscène nog een epiloog volgt. Het verhaal was zonder epiloog veel sterker geweest. Dan bleef er nog wat te raden over voor de lezer. Nu is alles tot in detail uitgesponnen.
Desondanks is Nu jij nog zeker de moeite van het lezen waard. Op de achterflap wordt Nu jij nog een ‘huiveringwekkende vrouwenthriller’ genoemd. Hiermee wordt het boek te kort gedaan. Nu jij nog is een spannende huiveringwekkende thriller voor vrouw én man.

Drie sterren
Deze recensie is ook te lezen op www.ezzulia.nl

vrijdag 7 oktober 2011

Overspel van Nicolet Steemers: intrigerende gecompliceerde thriller


De nieuwe Nederlandse thriller Overspel zou de grote multimediale hit van het najaar kunnen worden. Alle ingrediënten zijn aanwezig: een tv-serie op prime time; een interactieve website; een Facebook pagina en het boek zelf.
Overspel begint met een schoolvoorbeeld van liefde op het eerste gezicht. De dame in kwestie is Iris Hoegaarde, een succesvolle fotografe. Ze is getrouwd met Pepijn van Erkel, een ambitieuze officier van justitie, en is moeder van Menno van zeven. De minnaar in spe is Willem Steenhouwer, advocaat en schoonzoon van de dubieuze vastgoedhandelaar Huub Couwenberg. Hij is getrouwd met Elsie Couwenberg en vader van de zestienjarige tweeling Marco en Marit. Ze ontmoeten elkaar tijdens een expositie met de foto’s van Iris. Zij is naar buiten gegaan om de drukte te ontvluchten. Hij staat buiten te roken. Het is liefde op het eerste gezicht. De affaire begint als zo vele affaires, eerst sms’en en stiekem bellen, later een geheime afspraak op een station, gevolgd door een vluchtige vrijpartij in een hotel. Later volgt het schuldgevoel: een affaire tussen twee getrouwde mensen geeft immers veel complicaties. Zoals te verwachten valt, ontdekken Elsie en Pepijn het overspel. De bedrogen partners voelen zich verraden, ze dachten een gelukkig huwelijk te hebben. Het zijn er niet de mensen naar om dit soort dingen passief over zich heen laten te komen.
De liefde tussen Iris en Willem is extra gecompliceerd doordat Pepijn bezig is met een groot onderzoek naar de handel en wandel van de familie Couwenberg. Pepijn blijkt geen middel te schuwen, binnen of buiten de wet, om zijn doel te bereiken: zijn huwelijk redden én de zaak Couwenberg tot een goed einde te brengen. Hij kan dan eindelijk aan zijn meerderen laten zien wat hij in huis heeft.
Intussen wordt een moord gepleegd. Iemand wordt dood uit het water gevist. Huub Couwenberg, de ‘godfather’ van de familie Couwenberg, voelde zich tot dat moment onaantastbaar en onkwetsbaar. Daarna is hij enkel bezig met het beschermen van wat hem het dierbaarste is en probeert hij koste wat het kost te voorkomen dat de waarheid aan het licht komt.
Pubers Marit en Marco ontdekken de keerzijde van de rijkdom van hun familie. Hun ouders zijn altijd druk aan het werk. Moeder Elsie is bezig haar slechtlopende restaurant te redden en vader Willem is in de weer met de juridische problemen van de Couwenberg-familie. Opa Couwenberg is dol op zijn kleinkinderen, hij stopt ze graag wat extra’s toe. Maar het klusje dat Marco voor zijn opa mag opknappen, is gevaarlijker dan het lijkt. Marit doet intussen verwoede pogingen te achterhalen waar haar familie zich precies mee bezig houdt, zonder na te denken over de consequenties.
Overspel is een intrigerende, gecompliceerde thriller geworden. Het is een soepel geschreven en bij vlagen spannend verhaal. De vele verhaallijnen zorgen in het begin voor verwarring, maar bij doorlezen vallen langzaam de puzzelstukjes op zijn plaats. De personages en hun handelingen zijn over het algemeen realistisch. Op Björn Couwenberg na. Hij heeft, na een auto-ongeluk op zijn zeventiende, een hersenbeschadiging opgelopen waardoor hij zich gedraagt als een kind in het lichaam van een man. Björn praat als een tienjarig jongetje maar kan autorijden en het huishouden doen. Hij gaat het ene moment naar de hoeren en even later speelt hij vol overgave op zijn Playstation.
Het centrale thema van Overspel is in feite niet moord, liefde of overspel, maar familie. Overspel gaat over getroebleerde familieverhoudingen, familiegeheimen, intriges, afwijzing, erkenning en verraad.
In Nederland kennen we een mooie traditie van tv-series over deze onderwerpen. Denk hierbij aan Oud geld, De fabriek, Vuurzee en Stellenbosch. De tv-serie Overspel past hier goed tussen.
Het boek Overspel is geen typisch Nederlandse, psychologische thriller zoals we die kennen van bijvoorbeeld Simone van der Vlugt, Saskia Noort of René Appel, over gewone mensen die ongewone dingen meemaken. Thrillers die maximaal twee of drie verhaallijnen hebben. De andere onlangs uitstekend ‘verboekte’ tv-serie Penoza past wel in dit rijtje.
Schuldgevoel, wrok, lust en angst vormen de belangrijkste psychologische thema’s in Overspel. Deze thematiek, in combinatie met het familiegedoe en de vele verhaallijnen zorgen ervoor dat Overspel een sterke psychologische thriller is, anders dan andere.

Bovenstaande recensie is gepubliceerd in BOEK nr. 5 september/oktober 2011.

Toen god een konijn was van Sarah Winman: sprankelende debuutroman

Na drieëntwintig jaar acteren was de Engelse Sarah Winman toe aan een nieuwe stap in haar leven. Ze besloot een cursus ‘Explore fiction’ te volgen aan de volksuniversiteit. Met succes, want het resulteerde in haar sprankelende debuutroman Toen god een konijn was. Een bijzonder boek met een bijzondere titel.
In Toen god een konijn was, kijkt Elly, een dertiger, terug op haar jeugd en de band die zij had met de belangrijkste mensen in haar leven: haar broer Joe en haar beste vriendin Jenny Penny. Elly vertelt over de jaren die zij met elkaar doorbrachten en de tijd daarna waarin ze bezig was Jenny en Joe terug te vinden. Hierbij lopen de stemmen van het opgroeiende meisje Elly en van de volwassen Elly vloeiend en realistisch door elkaar.
De mensen rondom Elly zijn onconventioneel en excentriek. Zo is daar haar tante Nancy, een lesbische filmster met flair en levenslust. En Arthur, een homoseksuele bejaarde man die precies weet hoe en wanneer hij dood zal gaan. Tot die tijd leert hij Elly waardevolle levenslessen. Zijn beste vriendin Ginger heeft een carrière als Shirley Bassey imitator. En onzekere moeder van Jenny met haar vele vriendjes en haar zigeunerleven.
De balans in Toen god een konijn was is perfect. Het is een ontroerend, gevoelig verhaal zonder dat sentimenteel wordt. Er zit veel humor in, zodat het niet te zwaar is. Het is nergens hilarisch of over the top. Sarah Winman weet het verhaal mooi te verwoorden, met een prachtige schrijfstijl die niet gekunsteld aandoet.
Het ‘show, don’t tell’ principe beheerst Sarah Winman als geen ander. Tussen de regels door valt meer te lezen dan is geschreven. Veel drama, zoals kindermisbruik, wordt niet expliciet benoemd. De lezer kan het zelf invullen.
Toen god een konijn was brengt de lezer zowel tot lachen als tot huilen. Soms zelfs tegelijkertijd.

Bovenstaande recensie is gepubliceerd in BOEK nr. 5 september/oktober 2011.

woensdag 28 september 2011

- Ingezonden nieuwsbericht - Leuke actie van uitgeverij Signatuur

In november verschijnt bij Uitgeverij Signatuur het boek Fauna van Alissa York exclusief als e-book! U heeft nu al de mogelijkheid dit boek te lezen. Wij zijn namelijk erg benieuwd wat u van het boek vindt. Fauna gaat over dieren en mensen en over de krachtmeting die ontstaat als dier en mens in elkaars gebied binnendringen. Dit hartveroverende verhaal speelt zich af in de jungle van Toronto.
Vindt u het leuk om uw mening te geven over dit verhaal? Wij organiseren nu een speciale actie.
U heeft tot woensdag 5 oktober 2011 de tijd om een zetproef bij ons aan te vragen via laura.hoencamp@awbruna.nl o.v.v. Fauna. Hoort u bij de eerste 30 aanmeldingen? Dan ontvangt u de zetproef. Nadat u het verhaal heeft gelezen ontvangen wij graag uw recensie. Deze moet voor 31 oktober bij ons binnen zijn. Wij plaatsen verschillende recensies op Facebook of op www.uitgeverijsignatuur.nl. Als dank voor uw recensie ontvangt u het e-book van Fauna zodra dit is verschenen.

Het late journaal van Petros Markaris: waarom opnieuw uitgegeven?

De meeste thrillers die in Nederland worden vertaald/uitgegeven spelen zich af in Nederland, Amerika, Groot-Brittannië of Scandinavië. Een Griekse thriller vormt hiernaast een welkome afwisseling. Met een beetje geluk krijgt de lezer naast een spannend verhaal ook een mooie achtergrondschets van de Griekse samenleving. Op het eerste gezicht was het daarom een goed idee van uitgeverij AW Bruna om Het late journaal van Petros Markaris dit jaar voor de tweede keer uit te geven. Deze debuutthriller van Markaris verscheen in 1995 in Griekenland. De eerste uitgave in Nederland was in 2005. Een heruitgave draagt wel een groot risico. De lezer verwacht hoogstaande kwaliteit als een uitgever het aandurft om een ‘ouwetje’ af te stoffen en opnieuw uit te geven. Daarnaast moet het boek moet op z’n minst een tijdloze klassieker zijn om de tand des tijds succesvol te hebben doorstaan.
Markaris schreef Het late journaal begin jaren ’90 in een tijd waarin computers nog nieuwerwetse verschijnselen waren. Mobiele telefoons waren er niet of nauwelijks. De democratie was nog erg pril in Griekenland, na een periode waarin de kolonels aan de macht waren.
Hoofdpersoon in Het late journaal is politiecommissaris Kostas Charitos. In het verhaal komt hij bot, onsympathiek en ongeïnteresseerd over. Hij heeft een slecht huwelijk en maakt met zijn vrouw veel ruzie op een kinderachtige manier. Tegenover zijn collega’s gedraagt hij zich alles behalve collegiaal. Het is moeilijk na te gaan of hij bedoeld is als een levensechte, realistische politieman of als een karakter met uitvergrote eigenschappen.
In Het late journaal denkt Charitos de moord op een jong Albanees stel snel te kunnen oplossen. Een andere Albanees die de pech had in de buurt te zijn, wordt gearresteerd en tot een bekentenis gedwongen. De bedoeling is dat hij vervolgens veroordeeld wordt en dat Charitos hiermee wederom een zaak succesvol heeft afgesloten. Tot ongenoegen van Charitos steekt het net iets anders in elkaar. Televisie journaliste Janna Karajorgi wordt vermoord in een televisie studio vlak voordat ze live in het late journaal zou vertellen over haar ontdekkingen over de moord op het Albanese stel. Karajorgi had ontdekt dat het stel een baby had en dat die verdween rond de moord. Met frisse tegenzin gaan Charitos en zijn collega’s echt op onderzoek uit. Al snel komen ze erachter dat de concurrentie moordend is in televisiekringen en collegialiteit alleen in naam bestaat. De vraag is of dit genoeg aanleiding is voor moord of dat de dader in geheel andere kringen gezocht moet worden.
Het late journaal geeft een interessante inkijk in de Griekse samenleving begin jaren ’90. In het bijzonder in de Griekse misdaad en politie. Het hoge oplossingspercentage van misdrijven is te danken aan de, in Nederlandse ogen, bijzondere technieken van de politie. Vele politieagenten zijn opgeleid tijdens de kolonelsdictatuur en hebben les gehad van militairen in verhoortechnieken. Na een misdrijf wordt de meest voor de hand liggende dader opgepakt. Deze bekent na een paar stevige gesprekken met de politie. Daarna volgt een veroordeling. En klaar maar weer.
Opvallend detail is dat Het late journaal geheel vanuit het perspectief van een local is geschreven. Ondanks dat het boek zich in Athene afspeelt, ontbreekt de toerist. Dit in tegenstelling tot de boeken van bijvoorbeeld Donna Leon over het Venetië van Guido Brunetti, waarin toeristen vaak wel een rol spelen.
Wat niet ontbreekt is de auto. Kostas Charitos verplaatst zich uitsluitend per auto, net als iedere andere inwoner van Athene. In ieder hoofdstuk staat hij wel enige tijd vast in het verkeer of wordt precies vermeld hoe lang hij over bepaalde ritten gedaan heeft.
Alles tegen elkaar afwegende is het onduidelijk waarom AW Bruna dit boek van Petros Markaris nog een keer heeft uitgegeven. De plot is redelijk, afgezien van het einde waarin Markaris het klassieke konijn uit de hoge hoed tovert en het boek afsluit met zo’n verrassing dat het ongeloofwaardig is. Een verhaal heeft iets nodig waardoor de lezer er in gezogen wordt: een sympathieke hoofdpersoon, spanning die van de bladzijden druipt, goede en soepele schrijfstijl etc. Het late journaal heeft geen van deze elementen. De beroerde schrijfstijl valt Markaris wellicht niet aan te rekenen. Het zou kunnen dat het boek slecht vertaald, dan wel geredigeerd is. Zo veel slechtlopende zinnen, taalfouten en stop- en vulwoorden gevonden dat het leesplezier eronder leed.
Het is te hopen dat de latere boeken van Petros Markaris of beter vertaald en geredigeerd worden of dat ze niet uitgegeven worden en andere auteurs een kans krijgen.

vrijdag 16 september 2011

Gevallen van Karin Slaughter: Gemengde gevoelens

Karin Slaughter is een van de best verkochte Amerikaanse thrillerschrijfsters in Nederland. Vorig jaar heeft haar Nederlandse uitgeverij, Cargo, voor haar een eigen imprint opgezet: Slaughterhouse met bijbehorende website. Dit schept hoge verwachtingen voor haar onlangs verschenen boek Gevallen.
Gevallen is het derde en nieuwste deel in de Georgia reeks waarin Will Trent en Faith Mitchell uit de Atlanta-reeks samenwerken met Sara Linton uit de Grant County-reeks.
Faith Mitchell krijgt van haar werkgever, het Georgia Bureau of Investigations veel trainingen aangeboden. Toch is er geen training die haar kan voorbereiden op de verschrikkingen die haar te wachten staan als ze later dan verwacht terugkomt van een computercursus. Haar baby is opgesloten in een schuurtje. Haar moeder, die zou oppassen, is spoorloos verdwenen. Veel bloed in en om het huis. En niet te vergeten een bloederig lijk en na interventie van Faith Mitchell nog twee lijken met wat gaten erin.
Met dit spetterende begin zou een huiveringwekkende rit met de achtbaan, die Gevallen heet, moeten beginnen. Helaas is niets minder waar. In het volgende hoofdstuk wordt de spotlight op Sara Linton gezet. Zij heeft een rampzalige blind date met een arts. Weliswaar met veel humor beschreven maar met zoveel geneuzel erom heen dat het funest is voor de spanning.
De spanning keert pas terug als Will Trent, Faith Mitchell en hun baas Amanda Wagner op jacht gaan naar de Los Texicanos-bende, die achter de ontvoering van Evelyn, Faith Mitchell’s moeder zit. Evelyn nam een aantal jaren geleden ontslag als hoofd van een narcoticabrigade toen bleek dat het team corrupt was en geld achterover drukte. Kan het zijn dat zij daarom ontvoerd is? Of is er toch een andere reden?
Het perspectief in Gevallen wisselt voortdurend tussen Faith, Will, Sara en Evelyn. Enerzijds is het interessant om te lezen hoe de verschillende hoofdpersonen over elkaar denken en is het spannend om een verhaal vanuit meerdere gezichtspunten te kunnen lezen. Aan de andere kant zorgt het voor verwarring en haalt het net iets te vaak de vaart uit het verhaal
Zo zijn er meer aspecten in dit boek met twee kanten. Leuk om tot in detail over de amoureuze spanning tussen Sara en Will te lezen, met ze mee te leven en te hopen dat ze elkaar eindelijk vinden, maar niet bevorderlijk voor de spanning. Hetzelfde geldt voor de trieste jeugd van Will Trent en zijn vreemde, duidelijk beschadigde vrouw Angie.
Kortom een boek dat zich niet eenvoudig laat beoordelen. Vanuit de positieve kant bezien is het een spannend, intrigerend verhaal met veel diepgang en aandacht voor de personages, hun liefdesleven en hun achtergrond. Goed gedoseerde humor. Helaas laat de negatieve kant een boek zien waarbij de spanningsboog geregeld inzakt, als een soufflé op de tocht. Veel verwarring door de abrupte perspectiefwisselingen. Veel geneuzel over liefdeslevens en tragische kinderjaren. De hoge verwachtingen worden niet ingelost.
Desondanks is Gevallen wel een aanrader. Ondanks dat het een van de mindere boeken van Karin Slaughter is, staat het toch garant voor een paar avonden leesplezier. Want ze slaagt er wel in om een geniale plot te schrijven, die aan het einde de lezer verbijsterd achterlaat.

Deze recensie is ook te lezen op www.ezzulia.nl.

zondag 11 september 2011

Voor ik ga slapen van SJ Watson: Fantastisch debuut


Er zijn boeken die je meteen pakken op de eerste bladzijde. De openingsscène is dan zo goed dat die je meteen het boek in sleurt. Voor ik ga slapen heeft zo’n sublieme openingsscène die meteen de toon zet. In het interview met Ezzulia vertelde S.J. Watson dat hij, voordat hij Voor ik ga slapen schreef, een artikel had gelezen over een man met geheugenverlies. Terwijl hij er zijn gedachten over liet gaan, kwam bij hem het beeld binnen van een vrouw die in de spiegel kijkt en schrikt van wat ze ziet. Dit werd het begin van Voor ik ga slapen.
Voor ik ga slapen opent met een scène waarin de hoofdpersoon Christine wakker wordt naast een vreemde man, in een vreemd bed, in een vreemd huis. Als ze naar de badkamer gaat en daar in de spiegel kijkt schrikt ze. Ze ziet een vrouw met kraaienpootjes, iemand die minstens twintig jaar ouder is dan zij. Daarna valt het haar op dat er foto’s hangen met gele plakkertjes waarop Christine en Ben staat geschreven. De vreemde man blijkt haar echtgenoot Ben te zijn die haar vertelt hoe het zit. Ongeveer twintig jaar geleden heeft ze een auto-ongeluk gehad waarbij ze haar geheugen is kwijtgeraakt. Iedere nacht wordt haar geheugen gewist en kan ze zich de volgende dag niets meer herinneren van de vorige dag.
Later die dag belt haar dokter om haar te herinneren aan de afspraak die zij hadden gemaakt voor die dag en om haar te vertellen dat zij haar dagboek in de kledingkast heeft verstopt. Sinds een paar maanden schrijft Christine iedere avond in haar dagboek alles over de afgelopen dag. Ook leest ze terug wat ze eerder heeft geschreven. Door haar dagboek te lezen, realiseert zij zich dat niet iedereen hetzelfde verhaal vertelt. Wie vertelt de waarheid en wie niet? Wie kan ze vertrouwen? Af en toe komen er flarden van haar geheugen langs in de vorm van losse beelden. Langzaam vallen de stukjes van de puzzel op hun plaats en onthullen zij een gruwelijk geheim.
Voor ik ga slapen is een fantastisch debuut. Wat een geweldig boek!
Watson wilde een ‘rustig’ boek schrijven, zonder achtervolgingen en helikopter ongelukken. Het moest zich in een huiselijke, beperkte omgeving afspelen. Voor ik ga slapen is in die zin inderdaad een rustig boek geworden, maar beslist geen saai boek. Het boek is spannend dankzij in plaats van ondanks de beperkte ruimte waarin het verhaal zich afspeelt. Het maakt het boek juist extra beklemmend.
Voor ik ga slapen is vanuit de eerste persoon geschreven. De lezer gaat samen met Christine op ontdekkingstocht naar de waarheid. Wat is er gebeurd en hoe zit het? Watson zorgt ervoor dat de lezer zich goed kan inleven in de gevoelens van Christine. Haar verwarring wordt overtuigend gebracht. Het is natuurlijk ook een hele schok om te ontdekken dat je al eind veertig bent, terwijl je denkt dat je eind twintig bent. Herkenbaar, menig lezer zal zich geregeld ook jonger voelen dan de kalender zegt…Gruwelijker wordt het als blijkt dat Christine niet iedereen om haar heen kan vertrouwen en zij af en toe gewelddadige flashbacks krijgt. Dan wordt Voor ik ga slapen spannend tot op de vierkante centimeter.
Watson laat ziet dat je voor een echte goede pageturner, een boek dat je achter elkaar uit wilt lezen zonder weg te leggen, geen achtervolgingen, bloederige slachtpartijen of gillende sirenes nodig hebt. Een goed geschreven, spannend verhaal met een goede gedegen plot volstaat.
Vijf sterren!














donderdag 1 september 2011

Nicci French vernieuwt zichzelf met Blauwe maandag

Nicci French, de schepster van een nieuw thrillergenre slaat een nieuwe weg in. In 1997 verscheen in Nederland Het geheugenspel, de eerste literaire ofwel psychologische thriller van Nicci French. In de boeken kwamen gewone mensen in ongewone situaties terecht. Nu, veertien jaar later is het tijd voor iets nieuws. Tot opluchting van waarschijnlijk menig lezer, die inmiddels enigszins is uitgekeken op de zoveelste heldin die in de problemen kwam, niet geloofd werd en toch gelijk bleek te hebben.
Om te beginnen is de hoofdpersoon van Blauwe maandag, Frieda Klein, een geheel ander type dan de lezer gewend is. Zij is psychoanalyticus en een tamelijk onconventionele vrouw. Ze loopt graag ’s nachts door Londen als ze niet kan slapen door de onrust in haar hoofd. In haar relaties met mannen heeft ze last van bindingsangst. Ze heeft graag alles onder controle, tot haar frustratie lukt dat niet altijd. Mensen zijn immers onvoorspelbaar, net als hun dromen.
Daarnaast is de plot van Blauwe maandag gecompliceerder en ingenieuzer dan die in eerdere thrillers van het schrijversechtpaar. Meer personages en meer verhaallijnen.
In 1987 wordt een klein meisje op weg naar de snoepwinkel ontvoerd. Een maandenlange speurtocht levert niets op. Het enige resultaat van de ontvoering is dat het huwelijk van haar ouders is gesneuveld. Haar moeder is een nieuw gezin begonnen om niet meer te hoeven denken aan de verdwenen dochter. Haar vader heeft zijn troost in de drank gezocht en haar zus wordt verteerd door schuldgevoel.
Ruim twintig jaar later wordt opnieuw een kind ontvoerd op weg naar de snoepwinkel. Ditmaal een roodharig jongetje met sproeten. Frieda Klein wordt betrokken bij deze verdwijning als haar patient Alan Dekker een paar dagen voor de verdwijning droomt over het hebben van een zoon met rood haar, sproeten en een brede grijns. Na lang aarzelen en lange nachtelijke wandelingen besluit Frieda met dit verhaal naar de politie te stappen. In tegenstelling tot wat ze verwachtte wordt haar verhaal serieus genomen door Karlsson, hoofd van het onderzoek. Voordat Frieda het goed en wel in de gaten heeft, is ze meer betrokken bij het onderzoek dan haar lief is.
Een deel van de ontknoping is helaas iets wat al vaker in thrillers is vertoond en daarmee voorspelbaar. Een goed punt aan het einde is dat niet alles wordt opgelost. Net als in het echte leven blijven wat losse draadjes hangen. Het versterkt de geloofwaardigheid. En er blijft wat over voor een volgend deel.
Nicci French schept ook deze keer levensechte personages, sommige zijn opvallend leuk, kleurrijk en zeker geen standaardtypetjes. Zoals de klusjesman Josef, die boos wordt als mensen hem aan zien voor een Pool terwijl hij uit de Oekraïne komt. Of Reuben de hippie-oprichter van The Warehouse, de instelling voor geestelijke gezondheidszorg  waar Frieda voor werkt. Andere zijn ronduit zielig en triest. Het is moeilijk te bepalen of ze slecht, dom of slachtoffer van de omstandigheden zijn.
De schrijfstijl is als vanouds, vlot en goed. Geen mooischrijverij wel veel mooie, treffende beschrijvingen. Zoals bijvoorbeeld van een aantal buurten in Londen. Al zou het op sommige punten beter zijn als er iets aan de verbeelding zou zijn overgelaten. Met name de uitgebreide persoonsbeschrijvingen en het gruwelijk lot van het jongetje.
Alles bij elkaar genomen valt er ondanks de minpuntjes veel te genieten. Mijn complimenten voor Nicci Gerrard en Sean French, dat ze het aandurfden om zichzelf te vernieuwen en nieuwe wegen zijn ingeslagen. Blauwe maandag is het eerste deel van een achtdelige serie rond Frieda Klein. Kom maar op met deel twee!