donderdag 21 april 2011

Turbulentie van Mariëtte Middelbeek: een onverwacht turbulent boek

****
De lezer die dacht Turbulentie van Mariëtte Middelbeek te lezen als luchtig tussendoortje, wacht een turbulente verrassing. Het lijkt een eenvoudige chicklit over de aantrekkelijk Sara Doesburg die dankzij haar baan als stewardess over de hele wereld vliegt en overal de meeste wilde feesten bezoekt. Hier komt een abrupt einde aan als haar zus Anouk borstkanker krijgt. Vanaf hier wordt het boek bij tijd en wijlen heftig wat betreft emoties. Anouk is namelijk een alleenstaande moeder en vraagt Sara of zij voor haar vierjarig zoontje Max wilt zorgen tijdens de chemobehandelingen. Ondanks dat Sara alles weet van mannen, van vierjarige exemplaren heeft zij beslist geen verstand. Ze probeert nog of haar moeder, de oma van Max, voor hem kan zorgen, maar die heeft net een nieuwe vriend en geen tijd. Alsof Sara wel tijd heeft! Als Sara doorkrijgt dat verzet tegen haar zieke zus zinloos is, sijpelt bij haar langzaam het besef door dat ze niet alleen veel opgeeft maar er nog veel meer voor terugkrijgt.
Turbulentie is een knap geschreven chicklit. Enerzijds weet Mariëtte Middelbeek de luchtige chicklit-toon met humor goed te bewaren in de beschrijvingen van Sara die haar best doet zo goed mogelijk voor haar neefje te zorgen zonder enige kennis over kinderen. Anderzijds is het een heftig verhaal over een heftig onderwerp. Het ziekteproces van Anouk wordt realistisch en invoelend beschreven en maakt een diepe indruk op de lezer. Er tussendoor is het onvermijdelijke liefdesverhaal gevlochten waarin echte liefde niet om uiterlijke maar om innerlijke schoonheid draait.
Kortom Turbulentie is een onverwacht turbulent boek en een topper in het genre.

De herziening van Michael Connelly: een echte legal thriller ipv een politieroman

***
In De herziening verandert Mickey Haller gedurende een moordzaak van rol in de rechtbank, van strafrechtadvocaat in aanklager. Een rol waar hij aan moet wennen en die hem af en toe zwaarder valt dan hij durft toe te geven. Het lijkt een uitgemaakte zaak, als het belangrijkste DNA-bewijs in deze moordzaak niet van de veroordeelde moordenaar Jessup blijkt te zijn. Haller weet zeker dat hij wel schuldig is. Samen met rechercheur Harry Bosch gaat hij op zoek naar bewijs, terwijl ondertussen het proces begint.
De herziening is een echte legal thriller. De rechtszaak en de juridische fijnslijperij erom heen staat centraal. Het boek is grotendeels vanuit het perspectief van aanklager Mickey Haller geschreven. Harry Bosch en zijn recherche onderzoek staat meer op de achtergrond. Een hele teleurstelling voor de lezer die hoopte op het beste uit twee werelden. De rechtzaak, hoe spannend beschreven ook, haalt veel vaart uit het verhaal. De zoektocht naar het aanvullende bewijs komt er bekaaid af, terwijl die veel boeiender is.
Het is wel leuk om te lezen hoe Haller en Bosch meer op elkaar lijken, dan ze beseffen. Zo delen ze onder meer vergelijkbare zorgen om hun puberdochters.
De plot kent gelukkig genoeg verrassende wendingen en het einde is zelfs voor de ervaren thrillerlezer een echte surpise.
Al en met al is het te hopen dat het volgende boek van Michael Connelly weer een echte 'Harry Bosch' politiethriller wordt!

vrijdag 15 april 2011

Dubbele gevoelens over Het Eagleton zegel van Arjen Terpstra

Het Eagleton zegel van de Nederlands-Friese schrijver Arjen Terpstra zorgt voor dubbele gevoelens. Allereerst wat betreft het genre. Is het een thriller of een historische roman. In thrillers wordt over het algemeen een moord of een ander misdrijf gepleegd. Het verhaal gaat vervolgens over wie het gedaan heeft en waarom. Bij voorkeur spannend geschreven met een duidelijke plot. Een historische roman heeft wat minder randvoorwaarden. Het verhaal speelt zich geheel of grotendeels af in het verleden. Daarnaast bestaat Het Eagleton zegel uit vele verhaallijnen die dwars door elkaar lopen. Het lijkt wel alsof vijf boeken in een boek zijn gestopt. Het zorgt voor veel verwarring en ergernis. Toch wacht de lezer die doorbijt een mooie beloning. Een prachtig meeslepend verhaal, dat juist door al die verhaallijnen ook spannend is geworden. Niet alleen naar de afloop maar ook naar hoe en waar de gebeurtenissen in de verschillende tijdslijnen elkaar beïnvloeden. Het Eagleton zegel speelt zich af op verschillende momenten in de tijd. Het verhaal begint in 955 met de verwekking van Brian Eagleton, het ‘adelaarsjong’, door de Ierse High King Brian Boroimhe en de IJslandse prinses Svanhildur. Brian Eagleton werd chief van de zuidwestelijke Ierse schiereilanden en liet hier Mount Eagle bouwen. Dan maakt het verhaal een sprong naar 1653. Ierland is veroverd door de Engelsen en de Eagletons worden verdreven van hun kasteel en hun grond. Henry Eagleton laat door vier monniken en een smid Het Eagleton zegel smeden. Een ronde zegel met de stempels van de monniken en een inscriptie, waarmee de Eagletons op een dag het kasteel weer kunnen claimen. Halverwege de 19e eeuw ontvluchtten twee Eagleton broers Ierland met ieder een halve zegel in hun bagage. Onderweg raken ze elkaar kwijt. Tijdens de Amerikaanse burgeroorlog raakt ook een halve zegel kwijt. Andere verhaallijnen spelen zich af in de 20e eeuw als inleiding op en verduidelijking van de uiteindelijke zoektocht naar de twee helften van Het Eagleton zegel. Arjen Terpstra heeft met Het Eagleton zegel een spannend verhaal geschreven. Met enige fantasie zou gezegd kunnen worden dat de plot bestaat uit de speurtocht naar Het Eagleton zegel. Ook worden er moorden gepleegd, al draait het verhaal niet over het wie en waarom hiervan. Het verhaal speelt zich grotendeels in het verleden af. Komen we terug bij de vraag: is Het Eagleton zegel een thriller of een historische roman? Het Eagleton zegel is een spannende historische roman, beslist geen historische thriller. Arjen Terpstra heeft een prettige schrijfstijl al verdient hij een strengere eindredactie. De Engelstalige zinnetjes, vaak dialogen, dienen geen enkel doel en wekken veel irritatie. Daarnaast zijn er kleine foutjes ingeslopen, zoals een verkeerd jaartal, waardoor de lezer even op het verkeerde been wordt gezet. En leggings zijn iets van de laatste tien jaar, daarvoor droegen vrouwen panty’s of maillots.

Het Eagleton zegel is een aanrader voor iedereen die zin heeft in een ‘meeslepend epos over een Ierse dynastie’.

dinsdag 5 april 2011

Volwassen van Sophie Fontanel: ontroerend en herkenbaar

Volwassen is een verzameling beschouwingen die de Franse Sophie Fontanel over haar moeder, zichzelf en de band tussen moeders en dochters schreef. Het is een boek over de rollen van ouders en kinderen die omgedraaid worden, en de (h)erkenning en aanvaarding hiervan bij beide partijen. Ouders zorgen voor hun kinderen zolang ze jong zijn, maar op een gegeven moment keren de rollen zich om. Dan zijn de ouders hulpbehoevend en nemen de kinderen de zorg over.

In Volwassen heeft de moeder een taai gestel. Ze valt voortdurend, wordt vervolgens in een verpleeghuis opgelapt en keert weer terug naar haar huis. De dochter regelt eerst alleen de thuiszorg en aanverwante zaken. Later neemt ze een groeiend deel van de zorg voor haar moeder op zich. De moeder wil niet lastig zijn en haar dochter haar eigen leven met drukke baan laten leiden. Toch lijkt ze het fijn te vinden als de dochter vaak komt en bij haar is.


Sommige anekdotes en gebeurtenissen worden meer dan eens verteld, maar dan steeds vanuit een ander perspectief beschouwd. Als een rode draad door het boek lopen de veranderende gevoelens van de dochter over de omkering van de rollen van verzorgde en verzorger. In eerste instantie heeft ze moeite met het aanvaarden van de werkelijkheid. Uiteindelijk geniet ze van de momenten die ze nog heeft met haar moeder. In de laatste verhalen vindt ze een soort berusting in de situatie. Het is goed zo.


Volwassen is een ontroerend, herkenbaar en mooi geschreven boek. Op de compositie valt wel het een en ander aan te merken. De hoofdstukken hangen als los zand aan elkaar. De sprongen in de tijd, heen en terug, zorgen regelmatig voor verwarring. De herhalingen in de verhalen zijn soms ronduit storend. Toch weet Sophie Fontanel prachtig de liefde te verwoorden tussen een volwassen dochter en een bejaarde moeder, ieder gevormd door hun eigen tijd en opvoeding. Dat maakt Volwassen tot een goed boek.



Deze recensie is ook te lezen in BOEK, maart/april 2011.

Over en uit van James Patrick Hunt: ontspannen vermaak

De plot in veel thrillers is te herleiden tot één kernvraag. Wie heeft het gedaan? Waarom is de moord gepleegd? In Over en uit is de hoofdvraag: zijn ze op tijd?

Na afloop van een chic feestje wordt wannabe Tom Meyer in koelen bloede dood geschoten. Zijn rijke vriendin Cordelia Penmark wordt ontvoerd en is spoorloos. Politie-luitenant George Hastings is belast met het onderzoek naar de moord en de ontvoering. Tot zijn grote frustratie doet de FBI ook mee, omdat het een ontvoering betreft. In het verleden heeft Hastings een akkefietje gehad met de FBI. Het is niet duidelijk wie de ontvoerders zijn en waarom juist Cordelia Penmark is ontvoerd. Dan nemen ze contact op, eisen losgeld en dreigen Cordelia te doden. Het is het begin van een spannende race tegen de klok. Zijn Hastings en de FBI-agenten op tijd om haar leven te redden?


George Hastings is een clichématige politieman:gescheiden met kind, een slechte relatie met de moeder van het kind en een nieuwe, halfslachtige verhouding. Het valt mee dat hij niet aan de drank is. De ontvoerders komen verrassend beter uit de verf. Geleidelijk aan laat Hunt zien wie de slechterik is en wie de meelopers zijn. Ook weet hij een stereotiepe, tweede vrouw van een rijke man vilein neer te zetten. Hunt schetst het complete plaatje, inclusief sluwe domheid en fixatie op uiterlijkheden.


Over en uit biedt een spannend verhaal en de plot is goed opgezet. De wisselingen van perspectief verhogen de spanning aanzienlijk. Het is jammer dat Hunt het principe show, don’t tell iets minder beheerst. Er gaat veel vaart uit het verhaal, doordat hij alles te veel tot in het detail beschrijft. Van de omgeving, een autorit en de handelingen van de bestuurder tijdens de rit, tot het uiterlijk en karakter van de personages.


Over en uit is geen hoogvlieger, maar wel goed voor een paar avonden ontspannen vermaak.



Deze recensie is ook te lezen in BOEK, maart/april 2011.

De man van Manhattan van Danielle Hermans: een ge(s)laagde historische thriller

Zo’n 400 jaar geleden had Nederland een kleine kolonie, Nieuw-Amsterdam, gelegen op het huidige eiland Manhattan. Peter Stuyvesant was er door de West-Indische Compagnie aangesteld als gouverneur om, indien nodig, met harde hand de orde te bewaren en het fort te bewaken tegen indringers. Het archief over deze periode bevat duizenden documenten, die de historicus Donald Christie in nauwgezet vertaalt. De journaliste Kes van Buren krijgt de De man van Manhattan opdracht een artikel over hem en zijn levenswerk te schrijven. De opdracht wordt spannender dan ze dacht, als blijkt dat een van de documenten geheime informatie bevat. Bepaalde brieven van Peter Stuyvesant kunnen de verhoudingen tussen Nederland en de Verenigde Staten op scherp zetten. Zowel in Nederland als in Amerika zijn lieden met een dubieuze agenda op jacht naar de brieven. Donald Christie is zijn leven niet langer zeker. De man van Manhattan heeft een ingenieuze plot en kent veel perspectiefwisselingen. De vele personages die het verhaal vertellen, lijken in eerste instantie voor verwarring te zorgen. Maar ze laten vervolgens de spanning tot ongekende hoogte stijgen. Het is een kunstig opgebouwd boek met voor een thriller verrassend veel lagen. Allereerst de whodunnit-en whereisit-vragen die beantwoord moeten worden. Vervolgens is daar de interessante geschiedenis van Nieuw Amsterdam en Peter Stuyvesant. Bovendien speelt het verhaal zich af tegen het decor van een Nederland waarin de populisten aan de macht zijn. Het aanzien van Nederland is in De man van Manhattan in het buitenland nog nooit zo slecht geweest. Hermans schetst hiermee een uitermate beklemmend, geloofwaardig ‘wat als’-beeld. De meeste personages komen goed uit de verf, zijn overtuigend en levensecht. Donald Christie blijft helaas wat vlak en eendimensionaal. Dankzijde vlotte pen van Hermans is De man van Manhattan een echte pageturner en een ge(s)laagde historische thriller. Kortom, een boek dat zich niet makkelijk laat wegleggen. Deze recensie is ook te lezen in BOEK, maart/april 2011.

Waan en werkelijkheid lopen door elkaar in De dwaaltuin van Adam Foulds

In het negentiende-eeuwse Engeland heeft de arts Matthew Allen het beste voor met de psychiatrische patïenten in zijn inrichting. Hij pleit voor een menswaardige behandeling. Zo mogen de lichtere gevallen vrij rondlopen over het uitgestrekte terrein. Een unicum in die tijd. Allen woont met zijn gezin op het terrein van de inrichting. Niet geheel zoals zijn tweede dochter Hannah het zich wenst. Zij ziet het sluiten van een huwelijk als de manier om weg te komen. Dichter Alfred Tennyson, die er tijdelijk als gast verblijft omdat zijn broer psychiatrisch patiënt is, ziet zij als de perfecte huwelijkskandidaat.

De roman wordt bevolkt door bijzondere patiënten. Margaret ziet overal God en Jezus in. John Clare, een voormalige dichter, lijkt heel gewoon. Hij mist zijn vrouw. Omdat het zo goed met hem gaat, mag hij overdag van het terrein af. Gaandeweg ontspoort hij steeds meer. Zijn vrouw blijkt een jonge jeugdliefde te zijn die al jaren dood is en hij denkt dat hij Jack Randall de bokser is. Niet alleen John Clare ontspoort. Allen verwaarloost meer en meer de inrichting, omdat al zijn aandacht gaat naar het ontwerpen van een houtbewerkmachine. De machine is een kostbare investering waarvoor veel investeerders nodig zijn.


Adam Foulds is tevens dichter en dat is te merken. De dwaaltuin is een mooi geschreven boek. Een klein subtiel verhaal met groot leed, verborgen achter kunstige zinnen. Nergens gekunsteld. Er blijft veel onuitgesproken over voor de verbeelding van de lezer. De dialogen doen overtuigend negentiende-eeuws aan. Waan en werkelijkheid lopen door elkaar in De dwaaltuin. Aan de lezer de schone taak om uit te maken of dat wat de patiënten meemaken echt is of niet.


En wie zijn er eigenlijk gek, gewelddadig en geobsedeerd? De patiënten, of de gewone mensen, zoals de arts, zijn dochter en de dichter Tennyson?



Deze recensie is ook te lezen in BOEK, maart/april 2011.

maandag 14 februari 2011

Een dief in de nacht en Fatale herkenning: twee Amsterdamse politieromans

Afgelopen zomer verschenen twee politieromans die zich in Amsterdam afspelen. Een dief in de nacht van Simon de Waal en Appie Baantjer en Fatale herkenning van Joop van Riessen.
De overeenkomsten gaan nog verder. Zowel Simon de Waal, Appie Baantjer als Joop van Riessen zijn als rechercheur werkzaam (geweest) bij de Amsterdamse politie en hebben daar het nodige gezien en meegemaakt. Beide boeken zijn duidelijk geschreven vanuit de realiteit. Niet een op een gebaseerd op waargebeurde zaken, maar de beschreven gebeurtenissen zouden wel echt gebeurd kunnen zijn. Tot slot een laatste overeenkomst. Zowel Een dief in de nacht als Fatale herkenning bezorgen de lezer veel leesplezier, ieder op een eigen manier.
Een dief in de nacht valt op door het duidelijke schrijfplezier dat de auteurs hadden tijdens het schrijfproces. Het boek zit vol met gebbetjes en andere typisch Amsterdamse humor.
Joop van Riessen is duidelijk gegroeid als schrijver. Zijn personages komen in Fatale herkenning veel beter uit de verf dan in zijn debuut Vergelding. Het zijn echte mensen geworden in plaats van bordkartonnen figuren. Dat leest een stuk prettiger.
Een dief in de nacht is het derde boek van Appie Baantjer en Simon de Waal over rechercheur Peter van Opperdoes en zijn jongere collega Jacob. Op een mistige avond klinken schoten bij het Stenen Hoofd op de Westelijke Eilanden. Van Opperdoes hoort de sirenes die hierop volgen en gaat op onderzoek uit. Een dode man op de koude stenen en een andere in de kofferbak van de auto. Niet veel later gevolgd door twee dode getuigen. Een dode had een usb-stick bij zich, die zich niet eenvoudig laat ontcijferen. Een morbide puzzel voor Van Opperdoes en Jacob om op te lossen.

Fatale herkenning speelt zich grotendeels af in Amsterdam-Oost. Mo en Robbie overvallen op gewelddage wijze een brasserie. Tijdens de overval wordt Mo herkent door Kim, een alleenstaande moeder. Hij bezorgde in een vorig leven de krant bij haar. Mo dreigt het kind van Kim te vermoorden, als ze naar de politie gaat. Desondanks schraapt Kim al haar moed bijelkaar als ze Anne Kramer opmaakt voor haar televisieoptreden bij Pauw en Witteman en vertelt haar het hele verhaal. Anne Kramer belooft haar te helpen. Helaas heeft ze er niet aangedacht dat ze horkerige collega's heeft, die ervoor zorgen dat Kim goed in de problemen komt.
Voor Mo, Robbie en hun vrienden was de overval op de brasserie slechts het begin. Wat volgt is een roes van geweld.
In vergelijking met Een dief in de nacht is Fatale herkenning iets dichter op de realiteit geschreven. Actuele gebeurtenissen uit de krant komen terug als detail/anekdote, zoals de uitwijkende vrachtwagen die bij de tramhalte een moeder en haar kinderen aanreed. Ook de overlast door Marokkaanse jongens is realistisch beschreven.
De schrijfstijl van Joop van Riessen is aanzienlijk verbeterd. Deed Vergelding nog erg staccato aan, het las soms als een politieverslag, Fatale herkenning is een stuk prettiger lezen. De zinnen zijn meer vloeiend. De personages beter uitgewerkt. Meer diepgang in het verhaal.
De gecombineerde ruime schrijfervaring van Baantjer en De Waal zorgt voor een boek dat zich heerlijk laat weglezen. Een dief in de nacht is spannend en ontspannend tegelijk. De heren weten perfect hoe ze de lezer moet amuseren, op het verkeerde been zetten en op z'n tijd laten lachen.
De lezer hoeft gelukkig niet bang te zijn, dat er na het overlijden van Appie Baantjer in augustus 2010, geen nieuwe boeken van Van Opperdoes en Jacob komen. De serie zal, op verzoek van Baantjer, voortgezet worden door Simon de Waal onder de naam De Waal & Baantjer.

Vuurtorenwachter van Camilla Läckberg: haar beste boek tot nu toe

Camilla Läckberg is een goed voorbeeld van een schrijfster waarvan ieder boek beter wordt dan het voorgaande. Haar debuut IJsprinses was weliswaar een goede thriller, maar na weging wel zeer licht bevonden. De kwaliteitsverbetering zit 'm vooral in het realisme van de personages en uitbreiding van het aantal verhaallijnen. Läckberg kiest in haar boeken voor een grotendeels vaste cast aan personages. Schrijfster Erica, haar man en politieman Patrik, de andere agenten en de hoofdcommisaris op het politiebureau, zus Anna en zwager Dan van Erica etc. In ieder deel krijgt de lezer een blik op hun veranderende leven. Deze personages lijken uit het leven gegrepen te zijn met mooie en minder mooie eigenschappen. Die ergens onderweg inzicht krijgen in zichzelf, de kans te veranderen, te herstellen of het beter te doen. Camilla Läckberg zorgt er op bewonderenswaardige manier voor dat de lezer een band opbouwt met de hoofdpersonen.
Daarnaast slaagt ze erin om keer op keer een spannend verhaal te schrijven, vaak met iets uit de actualiteit als rode draad. In Zusje was dat de reality soap. Deze keer in Vuurtorenwachter een heftiger thema: vrouwenmishandeling.
In Vuurtorenwachter lopen 2 verhalen door elkaar heen. Een speelt zich af in 1871 op het eiland Gråskär, ook wel Schimmenscheer genaamd. Een jonge vrouw heeft hier een moeilijk bestaan met haar wrede man en zijn collega vuurtorenwachter. Het enige geluk in haar leven is haar kind.
In het andere verhaal is het eiland Gråskär een toevluchtsoord voor een vrouw en haar zoontje die hier wilt bijkomen en ontsnappen aan haar man. Patrik en zijn collega's zijn druk bezig met het oplossen van een raadselachtige moord op een man, die in zijn huis werd doodgeschoten. Wethouder Erling W. Larson heeft na de catastrophe met reality soap Fucking Tanum een nieuw project gevonden in de vorm van Badis, een prestieuze spa gevestigd in een voormalig badhotel. In Denemarken probeert Madeleine met haar kinderen een nieuw leven op te bouwen. Ze hoopt dat ze eindelijk een veilige plek heeft gevonden.
Vakkundig weeft Lackberg alle draden van het verhaal tot een mooi web. Sommige draden blijken halverwege meer met elkaar verweven te zijn dan eerder gedacht. Op het einde zijn alle draden, op een na, mooi afgewerkt. En die ene losse draad blijft nog lang hangen bij de lezer, vanwege het wrange gevoel dat niet altijd alles goed komt in het leven.
Vuurtorenwachter is hiermee de beste thriller die Camilla Läckberg tot nu toe heeft geschreven.

dinsdag 18 januari 2011

Dwaalgast van Pim Faber: ruwe bolster, blanke pit

Auteur Pim Faber en hoofdpersoon Max Muizelaar in Dwaalgast lijken hetzelfde type man te zijn: ruwe bolster, blanke pit. Beide mannen hebben veel van de wereld gezien, zowel mooie zaken als dingen die het daglicht niet verdragen. Ook hebben ze alle twee in meerdere opzichten een ruwe bolster, wat betreft uiterlijk en taalgebruik. Dat laatste was wel even wennen bij het lezen van Dwaalgast. Op z'n zachtst gezegd is het nogal grof.
De blanke pit toont zich bij Pim Faber in zijn werk als verslaggever voor het tv-programma Vermist. Hij zette alles op alles om achter het lot van vermiste mensen te komen. Zijn speurtochten voerden hem over de gehele wereld. Bij Max Muizelaar is het niet veel anders. Hij blijft in Dwaalgast onvermoeibaar zoeken naar de 7-jarige Bobbie Dorenbosch, zoontje van een vriendin van Max. Zelfs als de politie hem zegt zijn onderzoek te staken, gaat hij gewoon door.
Max Muizelaar is een voormalig zeeman, die op het terrein van een jachthaven een zeemanskroeg annex restaurant en een winkel in scheepsartikelen heeft. Hij runt zijn zaken samen met een Chinese vriend waarmee hij de wereldzeeën heeft bevaren. Bij zijn zoektocht naar Bobbie wordt Max bijgestaan door deze Chinese zakenpartner, zijn familie en een vage jonge junk met geweten. Wat volgt is een adembenemende race tegen de klok. Zijn ze op tijd om Bobbie's leven te redden? De spanning wordt verhoogd door korte stukjes tussendoor van de kidnapper van Bobbie en van Bobbie zelf.
Dwaalgast is rauw en goedgeschreven. Een echte mannenthriller, zonder overbodige poespas of fijngevoeligheid. Wel jammer dat op ongeveer driekwart van het boek het voor de lezer duidelijk is wie de dader is. Dat haalt veel van de zorgvuldig opgebouwde spanning weg. Blijft nog over of Bobbie gevonden gaat worden en of hij dan in leven is of niet. In de allerlaatste alinea heeft Pim Faber nog een verrassende uitsmijter, die de lezer met een tevreden gevoel achter laat.